is toegevoegd aan uw favorieten.

Middeleeuwsche bibliotheken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waren er Jan ook leeken en donaten in 't Regulieren klooster, die in Imn soort volmaakter menschen waren dan vele priesters; matige, gehoorzame, nederige lieden'), die, wanneer zij de hun opgelegde werkzaamheden gedaan liadden en dus vrij waren, vooral op feestdagen, hun cellen opzochten om zich in godsdienstige lectuur te verdiepen of boeken af te schrijven. Een niet gering aantal lijvige boeken schreven zij af in de volkstaal (mlgari sermone), alsook psalteria, horaria, en devote geschriften. ") Na zijn tijd"; schijnt ei echter weinig meer geschreven te zijn: de pen moest het atleggen tegen de drukpers, en toen in 1532 Cornelis Block. onze kroniekschrijver. als prior was opgetreden, volgde deze een gemakkelijker weg tot uitbreiding der librarie: „bibliotheca multis codicibus, \aloie centum tlorenorum adaucta" (est) — wat wel zal beteekenen, dat hij voor honderd gulden gedrukte boeken kocht.4)

Tot nog toe gaven wij slechts bewijzen voor de werkzaamheid, op 't gebied van het afschrijven in de Fraterhuizen en Regulierenkloosters gedurende 't laatste kwart der veertiende en de geheele vijftiende eeuw ontwikkeld. Dat men echter ook in conventen, die tot andere orden behoorden, in die eeuwen niet stil zat, kan o.a. blijken uit hetgeen wij weten betreffende het in 1393 gestichte Kartuizerklooster Nieuwlicht of Bloemendaal bij Utrecht. Wel is waar kennen wij — jammer genoeg — tot op heden geen kroniek van dit buitengewoon belangwekkende gesticht, maar wij bezitten althans 't Necrologium van dit klooster, in 1886 op uitstekende wijze door den druk gemeen gemaakt. ') Kan dit ons hier en daar van dienst zijn, waar wij iets wenschen te weten betreffende een

') Block, Kroniek, p. 80.

2) lbid. p. 81.

j Frater Abel overleed op hoogen leeftijd in 1538 (t. a. p. p. 92 )

4) t. a. p. p. SI. Hier mogen wij zeker nog even de aandacht vestigen op enkele schrijvers uit het klooster, die tot nog toe niet genoemd werden. Prior Henricus Pass, die 't klooster van 1518 tot 1532 bestuurde, had bij zijn sterfbed een aantal boekjes liggen „<juos ex diversis medicinarum doctorihus compilaverat. (p. 90) Coinelius Vroey begon in 't laatst der vijftiende eeuw met de opstelling van een kroniek van het kloosier, waarvan Block later gebruik maakte (p. 71 en Inleiding p. 9). Coinelis Block zelf — wiegs eigen handschrift naar 't schijnt verloren is stierf in 1553. (inleiding, p. 3.)

») In Bijdragen en Mededeelingen van het Hist. Genootschap, deel IX, blz. 12o en v. door Mr. L. van Hasselt. Enkele bijdragen tot onze kennis levert een liber benefactorum van dit convent, afgedrukt in de Kronijk van liet Ilist. Genootschap, Dertiende Jaargang, 1857, blz. 129 e. v.