is toegevoegd aan uw favorieten.

Het leven en de werken van Gerrit Dou beschouwd in verband met het schildersleven van zijn tijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kleur, deugt in het geheel niet, ja de gelijkenis der oude vrouw is hein zoo geheel mislukt, dat hij het ten slotte maai heeft opgegeven, na er, gelijk duidelijk te zien is, alle mogelijke moeite voor te hebben gedaan.

Zoo liet Dou zijn leerling Adriaen van Gaesb e e c k eveneens een kijkje in zijn huis, ditmaal zijn atelier, schilderen, waarop tal van voorwerpen, die Dou zelf herhaaldelijk schilderde, zijn afgebeeld ').

Een anderen leerling wederom liet hij zjjn atelier afbeelden met een zijner modellen, — den man, dien hij meestal voor zijne kluizenaars gebruikte — aan een ezel zittend en bezig, op een doek een Rust op de Vlucht naar Egypte te schilderen. In het vertrek bevinden zich tal van voorwerpen, die ook op Dou's schilderijen voorkomen, o. a. een groote eikenhouten kast, een ronde tafel, een groot Grieksch beeld, een violoncel enz. Wie het stuk vervaardigde, is onzeker, doch stellig werd het in D o u 's atelier geschilderd 2).

Ook zijn neef Dominicus van Tol liet D o u op deze wijze werken, doch schijnt hij hem vooral dikwijls zijn stukken te hebben laten copieeren, indien tenminste de benaming „copie door Van Tol", waarmede vele copieën naar Dou worden aangeduid, altijd juist is, hetgeen bijna

1) Rijksmuseum n° 280. Het feit, dat dit stuk D o u 's atelier voorstelt, is het overtuigend bewijs, dat de veronderstelling, dat Gaesbeeck D o u 's leerling geweest is, waar is. Van hem bestaan nog tal van andere stukken, o. a. één te Berlijn; twee in de Lakenhal te Leiden; één in het Museum te Douay; één was bij G. Hirth te München, enz. — Hij stierf in 1650. Vgl. uitvoerig Obr. V 31.

2) Het is op paneel geschilderd en 103 X 78 c.M. groot. Het heet Dou doch is niet van zijn hand, waarom ik het niet in mijn catalogus opnam. Veeleer houdt het het midden tusschen Van Gaesbeeck en Sla fafa aert. Het is vrij zwak, doch hoogst interessant. Ik was in staat het nauwkeurig te onderzoeken bij den eigenaar, den Hertog van Devonshire te Londen.