is toegevoegd aan uw favorieten.

De hut van oom Tom

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marie stond op, stormde uit het vertrek naar haar eigen kamer, waar zij door hevige zenuwtoevallen werd aangetast.

„Je hebt mij geen haarlok gegeven, Eva," zeide haar vader, treurig

glimlachende tot het kind.

„Zij zijn immers alle de uwe," antwoordde zij, insgelijks met een zachten glimlach; „zij behooren aan u en aan mama, en u moet er mijn lieve Tante Ophelia zooveel van geven als zij verkiest Ik heb ze zelf slechts aan onze bedienden gegeven, omdat, gelijk u weet, zij anders na mijn heengaan misschien vergeten zouden worden, en omdat ik hoopte, dat die hen mocht helpen denken U is een Christen, niet waar, papa, dat is u immers ?" vroeg Eva op twijfelachtigen toon.

„Waarom vraagje mij dat, Eva?"

„Ik weet het niet recht. U is zoo goed; ik weet niet waarom u het

niet zou wezen."

„Wat beteekent het eigenlijk, een Christen te zijn, Eva?"

„Den Heere Jezus boven allen en alles lief te hebben, "antwoordde het meisje.

„Doe je dat dan, Eva?"

„Ja zekerlijk bemin ik Hem zoo!"

„En toch heb je Hem nooit gezien!" merkte St. Clare aan.

„Dat doet er niet toe!" hernam Eva. „Ik geloof in Hem, en met eenige weinige dagen zal ik Hem zien." En bij deze woorden begonnen haar oogen van vreugde te schitteren en te gloeien.

St. Clare sprak niet meer. Dat was een gevoel, gelijk hij vroeger ook bij zijn moeder had opgemerkt; doch er was in zijn ziel geen enkele snaar, welke het deed trillen.

Van nu aan nam Eva haastig af; er was geen twijfel meer aan haar nabijzijnden dood — zelfs de dwaaste hoop kon niet meer verblind worden. Haar fraai vertrek was bepaaldelijk in een ziekenkamer veranderd, en miss Ophelia vervulde dag en nacht de taak eener zieken-oppasster, en nimmer leerden haar vrienden haar waarde beter en duidelijker kennen dan in die oogenblikken. Met vlugge hand en geoefend oog, met zooveel handigheid en kennis van alles wat maar iets tot netheid en gemak konde bijdragen om alle onaangename teekens van de ziekte te doen verdwijnen; met zulk een juist inachtnemen van den tijd, zulk een helder hoofd, zooveel stiptheid bij het letten op alle voorschriften en aanwijzingen der geneesheeren, was miss Ophelia inderdaad alles voor St. Clare. Zij, die vroeger glimlachend de schouders hadden opgehaald bij het zien van haar nauwkeurigheid tot in de geringste zaken, iets, dat zoo zeer afstak bij de vrije, zorgelooze manieren van het Zuiden, moesten wel bekennen, dat juist zij de persoon was, die men thans zoo zeer behoefde.