is toegevoegd aan uw favorieten.

Tandraderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kirig het punt P van rad I niet lost van den tandkop van iad II (zie fig. 42). In het geharceerde veld mag de ingrijpingslijn niet loopen. *)

Men kan dus hoogstens den rolcirkel gelijk maken aan den steekcirkel. In dit geval wordt de hypocycloïde (voet der tand) tot een punt teruggebracht en spreekt men daarom dan ook van puntvertanding. Men gebruikt ze alleen, wanneer het kleinste rad minder dan 11 tanden moet hebben.

Het beginsel der harmonische- of stelselraderen wordt hier losgelaten, daar nu beide steekcirkels rolcirkels zijn en dus over 't algemeen ongelijk worden. Overigens bliift

t zelfde van kracht, wat omtrent de gewone vertandingen is gezegd. De voeten krijgen alleen een zoodanigen vorm, dat de kop van 't andere rad hier geheel vrij van blijft loopen (zie onder: Begrenzing der kuilen).

1) Behalve deze limiet bestaat er nog een andere. Daar de drukrichting moet gaan door de pool, is het dus een vereischte voor een tandflank, dat de normalen den steekcirkel snijden. De cirkelevolvente van den steekcirkel is dus een uiterste grens voor de tandflank, daar hier de normalen den steekcirkel nog juist raken. Daar echter in dit geval de ingrjjpingsljjn wordt gevormd door de gemeenschappeiyke raaklijn der beide steekcirkels, blijft deze toch van zelf buiten aanmerking, als liggende reeds in het verboden vlak.