is toegevoegd aan uw favorieten.

Tandraderen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ingrijpingslijn is een gedeelte van den steekcirkel van het gedreven rad. De tandflank van het drijvende rad krijgt den vorm eener epicycloïde; alleen de kop is werkzaam.

Daar de tand als punt niet kan worden uitgevoerd, geeft men het punt dikte en wordt het profiel der tanden dus een cirkel (diameter = V2 steek) voor het gedreven rad en een aequidistante eener epicycloïde voor het drijvende rad.

Dergelijke raderen heeten lantaarnraderen of beukelaars.

De constructie is uitgevoerd voor:

1°. Uitwendige aanraking der steekdrkels ju fig. 45. Een aequidistante is altijd gemakkelijk aan de bolle zijde eener kromme te construeeren, maar aan de holle zijde alleen dan in vast materiaal uit te voeren zoolang de kromtestraal grooter is dan de afstand, waarop de aequidistante moet worden getrokken. Daarom kan het begin der epicycloïde voor de constructie der aequidistante niet gebruikt worden, daar hier de kromtestraal van O af aan-