is toegevoegd aan uw favorieten.

Drijfwerken met onderdeelen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Coëff." voor verschillende metalen :

gietijzer k.

gietstaal 2 k.

smeedstaal 3 k.

phosphorbrons 11/2 k.

delta metaal 2^2 k.

voor tandraderen met wangen of flenzen kan het dubbele in rekening worden gebracht.

De wrijvingsarbeid bij drijfwerkraderen zet zich 0111 in slijtage en warmte. Het verlies aan arbeid door de slepende wrijving zal in 't algemeen zijn:

Aw—/Nx Vy (81

waarin: vy de weg der slepende wrijving in de eenheid van tijd. Ni de gemiddelde normale druk. ƒ de wrijvingscoëff.

Nu is vj evenredig met het aantal aanrakingen, of ook met het aantal omwentelingen van het wiel. Zal Aw eene vaste waarde hebben, dan zal bij grooter Vy, of grooter aantal omw. of ook de omtrekskracht P kleiner moeten zijn.

Uit een oogpunt van sterkte is de toe te laten kracht P evenredig met b s.; de waarde van k afhankelijk van de toe te laten spanning.

Uit een oogpunt van slijtage kan men een nieuwen coëff. ky invoeren, die kleiner wordt bij grooter aantal omwentelingen en wel:

ki = 20 — «

waarin n hoogstens 250.

P = ky b s. (82

Bij het stijgen van het aantal omwentelingen n en het dientengevolge kleiner worden van ky, moet, wanneer s dezelfde zal

blijven voor een gegeven kracht P de verhouding j grooter worden Max. breedte voor drijfwerkwielen:

42

b= -= s. (83

20 — V n