Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nemen. Doch ook dat niet, voordat eene commissie uit liet Bestuur „Bethel" bij Bielefeld zou hebben bezocht en van hare bevindingen rapport uitgebracht, ten einde alle gewaagde proefnemingen te voorkomen. Van den aanvang af moest een vaste lijn worden gevolgd.

Op kleine schaal. Aan deze bepaling herinneren wij met nadruk in verband met de boven gemaakte opmerking omtrent het bescheiden begin. Ernstig waarschuwde men elkander tegen te groote publiciteit. Men moest eerst zelf ondervinding opdoen. Bovendien zou men door het beperkte aantal plaatsen anders velen slechts teleurstelling moeten bereiden. Wel zou men trachten de werkelijke behoefte te leeren kennen, en met het oog op mogelijk latere uitbreiding eenige sympathie trachten te vinden bij bekende belangstellenden in den lande.

Nadat aldus was overeengekomen, werd een Bestuur gekozen, en voor het gebouwtje den naam „Zoar" vastgesteld, nadat Jonkvr. T. v. B. het denkbeeld had verworpen, liet naar haar de Anna-Stiehlinrj te noemen, evenals zij voor zich ook den aangeboden titel van „Beschermvrouw" afwees. Bepaald werd verder dat Zoar in Mei d.a.v. zou worden geopend voor — zooals het heette — „behoeftige vrouwelijke patienten, wier lichamelijke en verstandelijke toestand niet te veel door de kwaal heeft geleden." De kosten voor de inrichting van het gebouw en de huishouding gedurende dat eerste jaar werden met groote mildheid in den kring des Bestuurs bijeengebracht.

Met den naam aan het gebouwtje te geven, werd ook de naam der Vereeniging vastgesteld: De Christelijke Vereeniging voor de verpleging van lijders aan vallende ziekte, te Haarlem. Wel oordeelde men dien naam wat heel lang, maar men zag geen kans

Sluiten