Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pen tegen de omstandigheden, dat bidden en worstelen, nu niet anders dan ijdelheid zijn? Wie weet of dergelijke vragen niet in menig hart zijn opgerezen, misschien ook wel zijn uitgesproken!

Dat gedwongen heengaan van den Directeur bracht het Bestuur in groote moeilijkheden. Doch hij moest gaan. Hij nam een beroep aan als Predikant te Hoogland, en den lcn April 1890 nam hij afscheid van de stichtingen. Allen die hij verliet, weenden. En hoe zwaar werd die dag voor den hartelijk beminnenden man zelf!

Hoe nu in al de behoeften te voorzien ?

Om den bestarenden broeder te vervangen werd de aandacht gevestigd op den Heer J. G. Bleeker, neef van den Directeur Creutzberg. Men hoorde van zijne vele goede hoedanigheden, doch men meende dat hij om zijn nog jongen leeftijd en zijn gemis van ervaring niet de geschikte persoon kon zijn om anderen te leiden. Toch werd hij den 18en Jan. 1890 benoemd voor een halt jaar, ingaande 1 April, terwijl hij tot dien tijd te Bielefeld had te vertoeven. Den lon April vertrekt de Heer Buisman en komt de Heer Bleeker, die echter vooraf te kennen heeft gegeven, dat hij zich slechts tijdelijk aan Meer en Bosch kon wijden.

Mej. v. Oe veren vertrekt 1 Mei. Een broeder zou voorloopig zich met de dagelijksche leiding der jongens hebben te belasten.

De Heer Bleeker had de zaken op Meer en Bosch in haar geheel te behartigen. Hij was besturende broeder en directeur tegelijk. En het Bestuur heeft zich kunnen verheugen in hem iemand te hebben bezeten, die, al was hij nog jong, met veel ijver en grcote takt eene moeilijke taak heeft vervuld. Door zijne bekwaamheden en wijze van omgang heeft hij onder patiënten en broeders aller achting en liefde verworven.

Sluiten