Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wilsovereenstemming, dus ook aanneming. Zoo leert

ook Planck 1):

„Der Begriff" — van schenking n.1. — „setzt sich aus „zwei Bestandtheilen zusammen. Der erste eine Zuwen„dung, durch die Jemand aus seinem Vermogen einen „Anderen bereichert, umfaszt rechtliche Thatbestande „verschiedener Art. Was alle dicse Phatbestande zum „einheitlichen Begriff der Schenkung verbindet, ist der „zvveite Begriffsbestandtheil: die Einigung des Zuwen„denden und des anderen Theils über die Unentgeltlich„keit der Zuwendung. In dieser den Rechtsgrund der „Zuwendung bildenden Einigung liegt das kennzeichnende „Merkmal jeder Schenkung".

Zooals reeds werd gezegd, behoeft van de aanneming niet op positieve wijze te blijken. Men kan óf een aanbod uitdrukkelijk, óf het aangebodene feitelijk aannemen, maar de aanneming mag ook verondersteld worden plaats te hebben gehad, wanneer de begiftigde, die zich van de bevoordeeling bewust is, niet als zijn wil te kennen geeft, dat hij van die bevoordeeling door de persoon van den schenker niet gediend is.

Wellicht ware, ten einde alle onzekerheid op te heffen omtrent de al- of niet-aanneming, eene bepaling wenschelijk, gelijk die van het 2e lid van genoemde § B16 van het Bürg. Gesetzbuch, welke luidt: „Ist die Zuwendung ohne den Willen des Anderen erfolgt, so kann

*) Bürg. Ges. bucli II, blz. 2S2.

Sluiten