Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de belangrijkheid der staten, waarin dit stelsel tot uitgangspunt der wettelijke regeling van liet jachtrecht is verheven, verre van dien, maar veeleer, omdat dit stelsel als het eenvoudigste en oorspronkelijkste mag beschouwd worden; als het stelsel, dat reeds bestond, toen de private eigendom nog in de windselen lag.

Het publieke jachtveld-stelsel is dat stelsel, waarbij in het algemeen aan hen, die eene persoonlijke qualificatie tot de jacht bezitten, het jagen overal vrij staat, zoowel op hunne eigene gronden als op die van derden, tenzij door de grondeigenaren aan zekere door de wet gestelde voorwaarden is voldaan. Het groote verschil met het giondeigendoms-jachtrecht-stelsel openbaart zich hierin, dat bij het laatste het jagen op eens anders grond is verboden zonder de vergunning, en daarentegen bij het publieke jachtveld-stelsel tegen het verbod van den eigenaar. Indien onder het publieke jachtveld-stelsel de grondeigenaar lijdelijk blijft, valt zijn grond onder het publieke jachtveld en mag door iederen tot de jacht gerechtigde vrij worden bejaagd; indien daarentegen onder het grondeigendoms-jachtrecht-stelsel de grondeigenaar noch zelf jaagt, noch anderen daartoe last of vergunning geeft, blijft de jacht op zijn grond rusten. De wet kent onder het publieke jachtveld-stelsel aan derden rechten toe, die zij onder het grondeigendoms-jachti'echt-stelsel nooit anders bezitten, dan krachtens last of vergunning van den grondeigenaar.

Het publieke jachtveld-stelsel gaat uit van het standpunt, dat het geheele, binnen de landspalen gelegen territoir moet beschouwd worden als één groot jachtgebied; de gewone afscheiding van particuliere gronden vormt bij dit stelsel geene grens voor de uitoefening van de jacht. Ongehinderd overschrijdt de jager de grenzen van de gronden van derden en van het daar bemachtigde wild wordt hij met uitsluiting van ieder ander eigenaar. „Nee interest, quod ad feras bestias et volucres, utrum in suo fundo

Sluiten