Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bij ondershandsche verpachting, week zij daarmede af van de wet van Star ken burg en Oberhessen, waar een desbetreffend besluit door de Gemeinde-vertretung steeds met eenstemmigheid moest genomen worden en vervolgens moest worden goedgekeurd door het Kreisamt; niet echter om de ondershandsche verpachting gemakkelijker te maken — in de Begründung1) toch legde de Regeering de stellige verwachting neer, dat de ondershandsche verpachting secundair zou zijn en blijven — maar omdat geene enkele wet in Hessen voor eenig besluit van de gemeentebesturen eene bijzondere meerderheid van stemmen vordert.

Ook in B reme n (§ 14) is de ondershandsche verpachting als regel vrij gelaten, maar zij mag niet plaats vinden „sobald dies von den Bezirksinteressenten beschlossen wird".

In Karinthië(§ 18), Neder-Oostenrijk (§ 25) en Stiermarken (§ 30) is de ondershandsche jachtverpachting aan strengere regels gebonden dan de publieke, waardoor duidelijk haar secundair karakter aan het licht treedt. A.ls regel vindt daar plaats openbare verpachting der jacht en slechts dan kan deze ondershandsch geschieden „wenn eine derartige Verpachtung entweder irn Interesse der Land-, Forstwirtschaft oder der Jagd selbst wünschenswert erscheint" 3). Bovendien moet het besluit van het gemeentebestuur, waarbij tot ondershandsche jachtverpachting wordt besloten, ten minste zes maanden voor het einde van het laatste jaar der loopende pachtperiode genomen en daarna, onder opgave van de redenen, die den Ausschuss er toe geleid hebben, om de jacht ondershands te verpachten,

1) Drucksache t. a. p. bl. 22.

2) In de jachtwet van Karinthië heet dit: „wenn eine derartige Ver¬

pachtung entweder für die Land- und Forstwirtschaft oder die Jagd selbst wünschenswert erscheint."

Sluiten