Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van de schitterende kleuren der Madonna dwaalt uw blik af tot in de verre wilde kreupelbosschen in de moerassen van Australië. Daar huist het vogelbekdier 25), het laagste van alle zoogdieren, tegenwoordig voor ons nog een beeld van de eerste zoogdieren op aarde. Het vogelbekdier legt nog eieren, evenals een kruipend dier ; de uiterst innige verbinding, die tusschen het menschenkind en het moederlijf bestaat, ontbreekt hier nog geheel. Maar toch draagt reeds één der beide overgebleven soorten van deze snaveldieren het ei met zich mede in eene zachte huidplooi, onder aan het lichaam, waar het uitgebroed wordt en dadelijk uit eene klier de moedermelk opzuigt. Dit is dus het oudste beeld der moeder in menschelijke beteekenis. Van daaruit klimt eene gansche reeks op van vormen, onder steeds voortgaande ontwikkeling: zoogdieren, die in het geheel geen eieren meer leggen, die de vrucht in het moederlijf zelf dragen, waar zij, tot hare volkomene rijpheid, gevoed wordt door den gemeenschappelijken bloedsomloop, die, als eene heilige levensbron, van de aderen der moeder in die van de ongeboren vrucht overvloeit, — totdat deze bij rijpheid na de geboorte dadelijk door de moederborst gezoogd wordt. Ook hier is het weer van den aap, dat de mensch deze eigenschap, in voltooiden staat, heeft geërfd.

En toch : terwijl uwe gedachte, die van de schitterende heerlijkheid der Sixtijnsche Madonna afdaalde tot het vogelbekdier, nu weer tot den mensch opklimt, schijnt plotseling een groot voorhangsel vaneengescheurd te worden, dat tot nog toe den mensch en het dier in de grijze beelden van den vóórtijd gezamenlijk bedekte.

Het begrip der moeder, dat wij van het dier erfden, uit de gansche reeks van demonische gestalten, van het wonderlijke vogelbekdier af, opklimmend tot den orang-oetan en den gorilla, vlamt met een geheel nieuw licht voor ons op, als het zijne intrede doet in de geschiedenis der menschheid. Het is het heldere licht der natuur, die zich tot beschaving ontwikkelt.

Sluiten