Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

partijen bevat: een stukje vader en een stukje moeder. Het eerste, wat nu gebeurt, is, dat de dooier met zijne kern zich binnen het eiomhulsel nogmaals in twee deelen verdeelt, dan in vier en zoo verder, totdat een gansche klomp, als 't ware van organische bouwsteenen, vóór ons ligt, waaruit het wondergewrocht van het kinderlijk lichaam nu opgebouwd zal worden. De levende bouwsteenen rangschikken zich tot op elkaar volgende lagen en uit elk dezer lagen ontstaan bepaalde organen en groepen van organen. En daarbij kromt en vouwt en rangschikt zich dat alles, als in een waren heksenketel, waaruit een homunculus 3) zal verrijzen. Opeens is er een ruggemerg, een hoofd met oogen en zijn er ledematen ontstaan. Een tijdlang vertoont het geheel nog een wanstaltigen vorm met een staart, waaruit zich, zooals gij in de figuur op bldz. 50 ziet, evengoed eene kat of een haas, als een mensch zou kunnen ontwikkelen. Dan gaat ook dat voorbij en nu is het eindelijk werkelijk een potsierlijk klein, maar onvervalscht menschje, dat alleen nog eene zekere grootte en zwaarte behoeft te bereiken, om alle lichamelijke betrekkingen met de moeder plotseling af te breken en ten slotte uit het vrouwelijke lichaam naar buiten in de vrije lucht afgevoerd te worden. Deze „geboorte" zet eigenlijk slechts de kroon op hetgeen de „voortplanting met beslistheid begonnen was : het scheppen van een nieuwen, op zich zelf levensvatbaren, mensch.

Één ding moet gij tot goed begrip van het gansche proces nog slechts weten.

Ik zeide, dat zoowel het vrouwelijke ei, als de mannelijke zaadcel elk op zich zelf een klein levend „stukje" voorstelt, dat van het levende vrouwelijke of mannelijke lichaam losgerukt werd. De wetenschap drukt dit in hare taal eenigs-

Sluiten