Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geldt ook het verschijnsel, dat bij uiterst hooge temperaturen eene splitsing van de elementen in nog eenvoudiger onderdeelen schijnt plaats te hebben. Althans: de sterrenkundigen hebben bij het onderzoek der hemellichamen door de spectraal-analyse gevonden, dat het aantal der elementen steeds kleiner wordt, hoe hooger de temperatuur dier hemellichamen stijgt, totdat ten slotte de nevelvlekken zich nog slechts voordoen als wolken van twee of drie van die eenvoudigste grondstoffen. Men vraagt zich dus af, of men hierbij niette doen heeft met zulke oertoestanden, waar zich eerst een paar van die grondstoffen ontwikkeld hebben en waaruit dan, bij verdere afkoeling, zich door allerlei combinaties de tegenwoordige elementen op de aarde vormden. Zoo zouden wij dan ten slotte nog weer terugkeeren tot de leer der oude alchimisten, die uit andere elementen door allerlei geheimzinnige bewerkingen goud trachtten te maken — met dat verschil echter, dat de tegenwoordige beschouwing op eene wetenschappelijke basis berust en dat zij een logisch gevolg is van feiten, die door exacte waarneming vastgesteld zijn.

Zoo was dan ook de koolstof, de draagster van het leven, reeds, met dat levensbeginsel, aanwezig in de kosmische oerstof, die, reeds lang vóór den witgloeienden toestand der aarde, het heelal samenstelde en waarin de koolstof, wel is waar, hare individuëele tegenwoordige eigenschappen nog niet bezat, maar waarin deze toch reeds in aanleg aanwezig waren en er zich later uit ontwikkelden, want de koolstof was slechts eene phase in de ontwikkelingsreeks der elementen.

En zoo daalt de keten, wier bovenste schakel den bacil droeg, ook met de aanvankelijke enge beperking tot de koolstof, toch ten slotte weer af in het heelal. En daarmede in het groote, laatste mysterie ....

Sluiten