Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nenwand de maagholte en wier buitenwand de huid voorstelt. De, aldus gevormde, gastraea is in de figuur links in doorsnede, rechts uitwendig voorgesteld. Van dezen oervorm stammen alle hoogere dieren af. Worm en poliep, kreeft en insect, oester en inktvisch, visch en kikvorsch, hagedis en vogel. En zoogdier. En gij. Ook gij stamt af van de oer-gastraea, de eerste celgemeenschap, die de verdeeling van den arbeid in bewegingscellen en eetcellen, in huid en darm, consequent doorvoerde ....

Bemerkt gij nu het verschil ? Het reusachtige verschil ? Gij waart op weg om den mensch in rechte lijn van het infusiediertje af te leiden, dat zich in zijne enkele cel een celmond en eene cel-aarsopening schiep. Vergeefsche moeite. Nooit slaagt gij erin, om van hier, van het afzonderlijke wezen uitgaande, al had dit ook honderd organen in zijne cel zelf, aansluiting te vinden tot den ontzaglijken cellenstaat, dien wij „mensch" noemen. Het sociale verbond tusschen vele cellen tot gemeenschappelijke vorming van een hooger individu, met verdeeling van den arbeid in celorganen, schijnt juist de eenvoudige vorming van organen en de verdere individuëele ontwikkeling bij de ééncelligen in 't algemeen verlamd en ter zijde gesteld te hebben. Niet uit het infusiediertje als zoodanig ontstonden de hoogere wezens op aarde of ontstond de mensch. Zij allen, en hij met hen, zijn gegrondvest op den infusoriënstaat, op de sociale gemeenschap van vele infusoriën, die langzamerhand uitgroeide tot den grondslag van nieuwe, hoogere individu s.

In dit ontstaan van nieuwe individu's uit sociale bonden ligt zeer zeker een, op zich zelf, uiterst wonderbaar proces. Gij zijt een individu, een ik, niet waar ? Voor uzelf de grondslag van het individu in 't algemeen. En toch moet gij indertijd, met de gansche menschheid, zóó ontstaan zijn, dat vele millioenen van nietige celindividu's zich tot u in sociale gemeenschap samenvoegden en zich zoo nauw aaneensloten, dat aan uzelf het geheel zich weer als een „ik", een individu, ja, als het ware type van zulk een ondeelbaar „ik", voordoet.

Sluiten