is toegevoegd aan uw favorieten.

De geschiedenis der Nederlandsche geloofsbelijdenis

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zinsnede, die in alle oude uitgaven voorkomt: „Un chacun donc se droit bien donner garde y adiouster ou diminuer: brouillant la sapience humaine parmi la sapience Divine. Een yegelick moet hem dan wel wachten, daer yet toe te doen of af te doen: daermede dat hy de menschelicke wijsheyt met de Godlicke wijsheyt vermengelen mochte". Een wenschelijke bekorting.

In hetzelfde artikel nam zij na de woorden des apostels „Beproeft de geesten, of zij uit God zijn", denoodelooze verklaring weg: „II monstre que par ses escrits on les cognoistra. Hij bewijst, dat mense door zijn schriften kennen zal".

In artikel 9 verviel na de herinnering aan de openbaring der drie goddelijke personen bij 's Heeren doop de wel wat platte vraag: „N'en voila pas trois? En zijnder daer niet dry"? Tien regels verder leest ge het prachtig woord, waarmede de engel Gabriël eenmaal de bedenking der maagd Maria beantwoordde. Wat daarop volgde, verviel. „Nous voyons icy le Pere estre appellé le Treshaut, puis le Fils de Dieu qui naist de lavierge, et le sainct Esprit qui obombre la vierge. Wy sien dat hier de Vader genoemt werdt, de Alderhoochste, daer na de Sone Gods die van der maget gheboren wert, ende de heylighe Geest die de maghet omschaduwedt". Daarop wordt 1 Joh. Y : 7 aangehaald. Wat daarop volgt, nam de synode mede weg. „En voila trois clairement nommez. Ende hier sietmender klaerlicken dry ghenoemt". Wat leert artikel 9 ons het synodaal streven naar kortheid klaar kennen.

In het volgende artikel moest zelfs het meer uitvoerige „Estant en tout et par tout semblable k lui" volgens de revisoren verkort worden tot „Hem in alles gelijk zijnde", drie woorden minder. Trouwens, de oudste vertaling luidde reeds kortweg: „ende ouer al ghelijck".

Acht regels verder luidde het artikel oudtijds: „Et ce que S. Iean appelle la Parole, S. Paul 1'appelle Fils,