Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

provincie buitengewoon bevorderd heeft. Ik bedoel Johunnes Sartorius. Hij genoot den omgang met Georgius Sylvanus, Cornelis Hoen, den rechtsgeleerde, Johannes Pistorius, den eersten martelaar in het Noorden, en Willem Gnapheus den Haagschen rector ').

Te Delft werd een hervormde gemeente gesticht. In 1558 diende Sartorius haar als leeraar. En in 1566 predikte Petrus Gabriël aan de Hoornbrug voor een groote schare uit Delft en omstreken.

Behalve te Amsterdam, waarover straks, breidde Sartorius ook te Leiden de Hervorming krachtig uit *). Hij stichtte er een gemeente. Reeds in 1525 vond de avondmaalsleer van Luther „daar toen bij de grooten meest ingang". Ook arbeidde er Petrus Bloccius3). In 1566 telde de hervormde gemeente te Leiden vele leden.

Eveneens te Haarlem oefende Sartorius grooten invloed 4). Hij had er in 1545 zijn vrienden, die hij meermalen bezocht. Ook de verlichte pastoor van Enkhuizen en Alkmaar, Cornelis Kooltuyn, was er eenigen tijd in stilte werkzaam, voordat hij in 1558 naar Embden vluchtte. Vandaar dat in 1566 de openbare prediking te Overveen bij Haarlem zooveel toeloop had.

Te Enkhuizen heeft Kooltuin als pastoor het fundament gelegd, waarop Gerardus Wormer later gebouwd heeft. Daarna heeft hij te Alkmaar, vooral bij het ziekenbezoek, de Hervorming heimelijk voortgeplant. Zoo baande Kooltuin voor Jan Arentszoon, den geboren Alkmaarder, den

1) Zie Dr. H. Roodhuyzen, Het leven van Guilhelmus Gnapheus, een der eerste Hervormers in Nederland, diss. Amst. 1858.

2) Men raadplege Dr. L. Knappert, Geschiedenis van de hervorming binnen Leiden van den aanvang tot op het beleg, in Theol. Tijdschrift Jaarg. 40, blz. 1 vv., 113 vv., 352 vv.

3) Zie J. Borsius, Het trapsgewijze toegenomen gezag der geloofsbelijdenis, in Archief, deel IX, blz. 1—113.

4) Men raadplege W. P. 1. Overmeer, De Hervorming te Haarlem, 1566—1581, naar authentieke bronnen, Haarl. 1905.

Sluiten