Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de belijdenis gepolst, geven tegenstrijdige adviezen. Calvijn maant uiterst sterk enderteekening af, tenzij veranderingen worden aangebracht.

In dit hachelijk tijdsgewricht neemt de veelvermogende burgemeester Groen aanstoot aan Heshusen'sgrenzenloozen toorn tegen zijn weldoener Melanchton. Het komt tot een zwagertwist, de breuk wordt al grooter, het hoofd der tegen de Walen werkende raadspartij valt van haar af. Het jaar 1564 vormt het keerpunt voor Wezel.

Want nu verandert de gansche toestand. Tileman Heshusen, in de stad zijner geboorte Tollemann Geckhusen gescholden, wordt verdreven. Zijn aanhangers, weldra heengezonden, sterken zich in het naburige Essen. De Wezelsche belijdenis wordt opgegeven. Voortaan legt men te Wezel nadruk op het gemeenschappelijke in de Luthersche en Gereformeerde leer. Als belijdenis wordt de Augsburgsche aangenomen in dien vorm, waarin de Protestantsche rijksstanden haar sedert 1540 erkenden. De Amersfoorter Gerhard Veis of Veltius als prediker te Wezel voert den Evangelischen cultus in. De overeenstemming der stads- met de Waalsche gemeente in de leer breekt zich baan. De stad helt al meer over tot de geünieerde reformatie van bisschop Hermann van Keulen en tot den Heidelbergschen catechismus.

De goddelijke Voorzienigheid maakte juist bij tijds AVezel tot een gematigd Luthersche stad met sterke Gereformeerde sympathiën, uitnemend geschikt tot het opnemen van Neerlands ballingen. Vandaar de spijtige Roomsche spreuk dier dagen:

Genève, Wezel en Rochelle,

Zijn des duivels and're hel.

Diezelfde Spaansch-roomsche partij begon de stad ook de „moeder der Geuzen" te noemen1)- Wezel heeft dien

1) Zincgrefen, Apophthegmata Teutscher Nation, Strasburg 1639. Th. II. S. 77.

i

J

Sluiten