Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sche dorpen binnen Arnhem verschijnen, „om met den Kerkendienaren een Christelijcke und fruntlijcke communication, gespreek und onderreding van den hoeftstukken des Christelicken gelovens tho halden, und also te vernemen, welcke dat tot bedienungh der Kercken, und stichtungh der gemeenten bequaem zijn mogen" ')• Wat vreemde tijden! Pastoors door predikanten geëxamineerd, en bij welslagen tot predikanten bevorderd. Aan een pastoor, die bij kinderdoop en huwelijk „de roomsche religie geëxerceerd" had, werd stad en schependom ontzegd. De zes kloosters der stad werden door het volk geplunderd en afgebroken. De nonnen moesten haar hullen en witte kleederen afleggen, haar „superstitieuse boeken" met testament en psalmboek verwisselen, en zich in de predikatiën laten vinden.

Ook ging men „de scholen en schoolmeesters reformeeren". De Heidelbergsche Catechismus werd een verplicht leerboek. Mede werd een Latijnsche school te Arnhem, en een Kwartierlijke hoogeschool te Harderwijk (1600) opgericht en Fontanus tot curator van beiden aangesteld.

Op energieke wijs volbracht Fontanus vele commissiën tot invoering der Hervorming in de provincie, die het hof van Gelderland hem opdroeg. Op zijn voordracht geschiedde meest het benoemen en verplaatsen van predikanten. In 1596 vaardigden stadhouder, kanselier en raden van Gelderland een belangrijk plakkaat uit, strekkende tot afzetting van pastoors, die Gods Woord niet rein overeenkomstig de reformatie preekten, en hun bijzitten niet verlieten of trouwden, alsmede tot afbreking van altaren, wijwatervaten, beelden enz. "Vele pastoors werden afgezet, in wier plaats leeraars moesten aangesteld en bevestigd worden. Het hof van Gelderland droeg Fontanus op, pastoors die predikanten wilden worden

I) Groot Gelders Plakkaatboek, D. 11 bh. '23.

Sluiten