Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vooral de Fransche synode van 1579 ijverde voor die uniforme geloofsbelijdenis 'f. Doch de moeilijkheden bleken te groot. Al meer schonk men bijval aan een tweede voorstel eveneens te Frankfort geopperd, dat van gelijke strekking was. Danaeus schreef 1 Mei 1580 aan Zanchius, dat men, te Genève met Fransche broederen vergaderd, thans de voorkeur gaf aan een harmonie of ineenschakeling der verschillende reeds bestaande belijdenissen 2).

Met het plan wijzigden zich ook de handelende personen. Van een opdracht aan wien ook, is zoo ver mij bleek geen spraak meer. En Zwitserland staat aan Nederland zijn leiding der zaak af. Had de Nederlandsche predikant De Villiers of Lozeleur die eer voor zijn land verworven ?

In naam der Fransche en Nederlandsche Gereformeerde kerken verscheen te Genève in 1581 een kwartijn van zeshonderd bladzijden in 't licht. „De harmonie van de geloofsbelijdenissen der rechtzinnige en Gereformeerde Kerken, die... de heilige leer des Evangelies zuiver be-

1) De tiende synode is die van Figeac 2 Aoüt 1579, Aymon p. 138—145. De Matières generales zijn de Articles I—XXXVII. Het slot van article XXXVII luidt: »Et il a été résolu par cette Compagnie de rechercher et procurer tous les moiens propres et convenables pour réunir tous les fideles des Confessions particulieres des Nations Protestantes en une seule Confession commune, laquelle puisse ensuite être approuvée par toutes lesdites Nations, et selon les avis et résolutions de la Conférence qui a été faite ci-devant pour ce sujet a Neustad, au Mois de Septembre 1'an 1570" [lisez: 1578],

'2) Lambertus Danaeus, even groot geleerde als streng Calvinist, de bijzondere vriend van Beza, werd in 1581 uit Genève tot boogleeraar in de godgeleerdheid te Leiden beroepen. Op de Middelburgsche synode van 1581 werd Danaeus genoodigd en geraadpleegd. Rutgers 304, 352 v., 455 —463. Volkomen overtuigd dat aan de Kerk in godsdienstzaken een onbepaald gezag toekwam, stond Danaeus te Leiden weldra aan het hoofd dei' Gereformeerde partij tegen den magistraat en Coolhaes — zie volgende paragraaf — dien hij aanbood, in tegenwoordigheid van de Staten en den Prins van onrechtzinnigheid te overtuigen. Reeds den 30sten Mei 1582 hield hij een redevoering, waarin hij zeide »de Leidsche lioogeschool te verlaten om de oneenigheden harer leeraars''.

Sluiten