Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

reformatie der zeden. Het is geoorloofd niet te weten, wat niet dan met gevaar beredeneerd wordt"*).

De inleiding tot den christelijken lezer roemt in de vruchten, en bestraft de bestrijders der Remonstrantsche confessie. De Leidsche faculteit blijkt voorgangers gehad te hebben. Gaat dat roemen niet wat buiten de maat? „De tegenstanders zochten in de Belijdenis de onreinheid van bijna alle ketterijen, niet anders dan die in de Zon vlekken zoeken. Tegen de Zon dorst niemand te spreken". Indien een geloofsbelijdenis met zulk een hemellicht te vergelijken valt, dan verschilt ook in deze sfeer de ééne zon in heerlijkheid van de andere zon. Hoog boven de Remonstrantsche belijdenis is haar mededingster te achten. Nog huldigt een dankbaar nageslacht de illustre vergadering, die de Nederlandsche belijdenis des geloofs tegen de Remonstranten handhaafde. Zelfs een vreemdeling riep geestdriftig uit:

„Wanneer is Hollands kerk triomfeerend, glorierijk

1) Apologia pro contessione sive declaratione sententiae eorurn, qui in Foederato lielgio vocantur Remonstrantes, super praeripuis articulis religionis christianae. Contra Censurain quatuor professorum Leidensiuin... linpressa, Anno Domiin 1629 [zonder naam van plaats of drukker]. Dedicalio aan Gedeputeerden en Raden der Staten van Holland en West-Friesland, 6 pp. Prael'atio ad reverendos, clarissiinos, doctissiinos, viros, fraties ac symmistas, pro veritate et bona conscientia partim proscriptos partim incarceratos, partim adllictos oppressosque in lielgio Foederato, 43 pp. Ad lectorem, 1 p. Apologia, 308 pp. Jol. of 616 in 4'. Indices [reruin, locoruin Scripturae] Episcopius was auteur. — Theologia eorutn [scil. Remonstrantium] practica est, quae in morum refonnatione. .. posita est. Ignorare licet, quae non nise periculose disputantur. — Quaesiverunt in ea haeresium paene omnium labes, non ahter quam qui in Sole maculas quaerunl ... Neino contra Solein loqui audebat. In 1630 werd door de theologische faculteit van Leiden uitgegeven „Specimen calumniarum ... ex Remonstranlinm Apologia excerptarum", waartegen in 1631 verschpen „Responsio Remonstrantiuin ad libellum, cui titulus est Specimen" eet. Dr. C. Sepp, Het staatstoezicht, 65 v.

2) Quand est-ce que 1'Kglise de llollande a été triornphante, glorieuse? quand a-t elle marché a la tête de toutes les Kglises de la Chrétien té? C'est lorsqu'il lui fut donné de porter dans les murs de Dordrecht le plus complet, le plus magnifique témoignage qu'il ai', jamais été permis aux hommes de rendre k la grAce de Jésus Christ. Merle d'Aubigné.

Sluiten