Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder de Mennisten en Remonstranten. De dassen zullen zich op middelen bedenken. „En sullen ondertusschen I). D. Deputati eens vernemen, off en op wat confessie de Mennisten hier te lande worden getolereert en toegelaten".

De synode van Amsterdam 1670 (art. 24) vernam: Er zijn verscheiden confessiën der Mennisten, „maar is geen confessie bevonden waer op deselve getolereert werden".

Over de kerkelijke middelen wordt niet meer gerept. Alleen zij nog vermeld dat de synode van Hoorn 1683 (art. 11) niet weinig onthutst was, toen „bericht wierde datter Testamenten [bybels] gevonden wierden oock van gereformeerde predicanten met approbatie onderteeckent, achter dewelcke dan gevonden wierden Sociniaensche Formulieren en Confessien; de C. synodus oordeelende dat dese dingen mettertydt konden werden van een seer verschrickelijcke consequentie, geeft D. D. Deputatis in last conjunctim cum D. D. Deputatis Zuyd Hollandiae [te zamen met de deputaten van Z.-H.] daer over een request aen haer Ed. Groot Mogenden te presenteren, tenderende om te obtineren placcaet dat niet alleen den Bijbel noch int geheel noch ten deele, maer oock onse gemeene liturgie niet soude mogen worden gedruckt off uytgegeven dan na voorgaende revisie en onderteeckeninge van predicanten".

Ziedaar al de oogst der zeventiende eeuw. De elders verdreven Socinianen werden in Holland geduld. Hier verschenen hun boeken. De schuilnaam hunner geschriften, „Gedrukt tot Vrijburg", is de vaste benaming voor Amsterdam. Heeft de oude kerk tegen deze secte voldoende gewaakt?

Sluiten