Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bevonden de archieven onzer Kerk zich in behoorlijken staat, dan zouden classicale confessieboeken vol handteekeningen kunnen bewijzen wat synodale acten beweren. Doch historische belangstellenden hebben gestolen, en anderen hebben door achteloosheid hen gesteund of archiefstukken laten verloren gaan. Gemeenlijk ontbreken classicale confessieboeken '). Op synodale aanteekeningen ga ik mij dus beroepen.

Uit de synode van Hoorn 1713 (art. 32) komt het bericht tot ons:

„D. D. Correspondentes Gelriae [correspondenten van Gelderland] en Zuijd Hollandiae berigten, dat de ondertekinge van de .formulieren van Eenigheid bij hen gepractiseerd wierde. D. Correspondens Ultrajectinus [correspondent van Utrecht] doet verslag dat men daar gewoon is den respectiven Classen jaarlijks te vragen of sij bij de formulieren van Enigheid persisteren ? Vriesland onderhoud ook de ondertekinge. Overijssel heeft dit onder den artikel van Eenparigheid in Leere. De Christelijke Sijnodus van Stad en Lande practiseerd de ondertekening van de formulieren van Eenigheid. De respective Classen verklaren alle dat de ondertekinge by hen word waargenomen".

Al de zeven provinciën getuigen dus hetzelfde. Behalve Zeeland, dat even streng rechtzinnig was, maar synodaliter — o klassiek land der vrijheid 1 — zich niet uitspreken mocht.

De synode van Enkhuizen 1720 (art. 33) notuleerde soortgelijk rapport.

„Dominus Correspondens Gelriae [de heer correspondent van Gelderland] verklaarde dat de ondertekeningh van den formulieren van Eenigheid in den haaren wierd waargenomen. Domini Correspondentes Zuid Hollandiae deeden uit hunne acten blijken, hoe zeer daarop gevigi-

1) Zie er een behandeld in V'Ili § 9, blz. 158—163.

Sluiten