Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat buiten de Labadie weinig „abusen" onder deze synode voorkwamen. De inhoud van het ontwerp werd gelaten aan de vrijheid der respectieve classen.

Ook de synode van Haarlem 1687 (art. 27) gewaagt er van.

„Bij 't oplesen van den 24. art: des voorleden Synodi, nopende Labadie en Koelman, heeft Rev: D: [de eerw. heer] Correspondens Frisiae gerelateert dat de Eerw: Classis van Franiquer bysonder geievert heeft tegen de Labbadisten, wiens [lees: wier] gevoelen onlangs was uijtgekomen in een Boek onderteekent van Yvon, geschreven tegen D. Brakel, en nemen wijders alle de Classen onder desen Synodus aen, als in 't voorgaende tegen Labadie en Koelman te waken" ')•

Mag zich ontwikkelende godsvrucht in droefgeestigheid ontaarden ?

Een ontkennend antwoord op die vraag gaf Frederik van Leenhof in zijn geschrift: „Den hemel op aarden, of een korte en klare beschrijving van de waare en stantvastige blijdschap, zoo naar de Reden als de H. Schrift, voor alle slag van menschen, en in allerlei voorvallen, Zwolle 1703".

Hevige strijd ontbrandde over het Spinozistisch karakter van dit boek. „Dr. Van der Linde heeft het Spinozisme van Van Leenhof duidelijk uiteengezet en aangetoond, dat vaak de eigene woorden van den wijsgeer door den godgeleerde zijn gebruikt" 2).

1) l)r. A. F. Krull, Jacobus Koelman, Sneek 1901 diss. Dr. F. J. Los, Wilhelmus a Brakel, Leiden 1892 diss.

2) Dr. C. Sepp, Het staatstoezicht, 10(5—108, 2I3, 215. Dr. A. v. d. Linde, Spinoza, seine Lehre und deren erste Nachwirkungen in Holland, Inaugural Dissertation. Id., Bibliopraphie van Benedictus Spinoza, 1871.

Ypeij en Dermout, III 240—248. Ypeij, Ges d. achtt. eeuw, I B. 83 —

85, VII 338, 344 351. Beide laatsten ontkennen het Spinozisme van Van Leenhof.

Sluiten