Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijden. Ik doe slechts grepen uit de daar verhaalde historie.

De commissie ontwierp een provisioneelen voet van correspondentie. Of hij den magistraat geviel, blijkt niet. De kerkeraad verwierp hem, eischende een vasten voet. Er zullen wel hooge woorden gevallen zijn. Want bij publieke acte van 25 Februari 1630 verklaarden de gedeputeerden, „in conscientie op het hoochste bedroeft te sijn, over hetghene haer in den kerckenraed tot Rotterdam is voorgecomen, als vindende nae haer oordeel die saecke soo verweeret ende voor haer ongeneselijck etc.".

Ook hebben ds. Nyenrode cum suis zekere kerkeraadsnotulen tot hun defensie in handen gegeven van eenige leden der Hollandsche Staten. Dit griefde de heeren van Rotterdam. Eenige maanden later zou de synode van Schoonhoven er geen zwarigheid in zien.

De twist greep om zich heen. Kansel en drukpers bemoeiden zich er mee. De stad geraakte in rep en roer. Bij resolutie van 7 Augustus 1630 hebben burgemeesters en vroedschappen van Rotterdam de predikanten Petrus Nyenrode en Jacobus Leeuwius benevens vier ouderlingen gelast, zich te onthouden van prediken en alle kerkelijke diensten. En daartegenover — want de heeren betrachtten de onpartijdigheid — ook de beide andere predikanten Henricus Alutarius en Benjamin Rijswijck geschorst. Handig grondden zij hun daad op de acte der synodale gedeputeerden van Februari, hoewel de zaak der correspondentie reeds in vriendschap tusschen kerkeraad en gedeputeerden afgedaan was. Later in hun gesprek fundeerden zij de suspensie op die notulen aan de Staten medegedeeld, op onordelijkheid in het houden van het avondmaal, en op de verkiezing van kerkeraadsleden.

Welk een beroering in de stad, nu geen der vier leeraren prediken mocht. Dat ook Alutarius en Rijswijck die het met den magistraat hielden geschorst werden, zal wel toe te schrijven zijn aan hun uitvaren op den kansel. In de synode van Schoonhoven althans is ge-

Sluiten