Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Zeeuwsche kerken waren verbonden tot vier classen : Walcheren, Schouwen of Zierikzee, Zuid-Beveland of van der Goes, en Tholen. Iedere classis committeerde twee predikanten en twee ouderlingen. Met de beide gecommitteerden der Staten van Zeeland mee, telde de Zeeuwsche synode dus achttien leden.

In de synode van Tholen 1602 deelen de gedeputeerden der synode mede dat zij, van wege Zuid-Holland mee namens de andere synoden tot correspondentie verzocht zijnde, „de saecke om gewichtige redenen afgeslaeghen hebben". Ook wordt het ambt van de gedeputeerden der synode, door haar voorgangster pas verordend, „van desen synodo onnoodich geacht ende om redenen afgeschaft". Waren telkens de Staten die „redenen"?

Ook oordeelde diezelfde vergadering: „Is goet ende nut gevonden in de kercke Christi, dat men alle jaren eens ofte eer, indient noot is, sal synodum provincialem houden".

Kennelijk door de overheersching der Staten zijn de synodale vergaderingen in Zeeland al zeer onbeduidend. Hoezeer verlaagt de heerschzucht de menschen. Tot in de notulen spiegelt zich de onbenulligheid af.

Uit de synode van Tholen 1602 is alleen vermeldingswaard de „Forme van de inspectie over de gemeijne kercken te houden, beraemt in den synodo provinciali Zelandiae, gehouden binnen ter Tholen an. 1602.

Also de inspectie, dewelcke geordonneert is wt den name van de classe respectivelick te geschieden, daertoe is dienende, dat de suyverheyt der leere ende alle goede geregeltheyt in de gemeynte Qodes onderhouden werde, zo zullen degene, die dit toesicht by de classe bevolen wert, henzelven reguleren naer tgene hiernaer volcht.

jaren 1572—1620, Gron. 1892—'99. Voortaan aan te lialen als Acta. Hier Vijfde deel: Zeeland 1579—1620; thans blz. 50 -190. Over de zestiende eeuw, mijn VIII § 7, l>lr. 347—3.~0

15

Sluiten