Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan negenennegentigmaal vergeven worden, tegen daar niet éénmaal.

Ik had in vollen geestdrift gesproken — als een visioen van volmaakte reinheid en licht was Lilly voor mijn geest verschenen. Haar verdedigde iK tegen het zwarte leugennet, dat erbarmelijke zwendelaars als dien Thomas om het echte, reine, de menschheid omhoogvoerend spiritisme gesponnen hadden. Meegesleept door mijne eigene woorden, legde ik, ten laatste mijne rechterhand zegenend op het blonde kroeshaar van de vrouw, waaraan ik dacht, hoewel ik haar naam niet genoemd had.

Haar hoofd schokte ineen, en ik zag, hoe zij met de punt harer parapluie het levende speeltuig, den kever, vermorzelde.

Het trof mij, als een steek. Waarom dat juist nu? In 't volgend oogenblik sprong Lilly op, en keerde mij haar gezicht toe — de groote, starre oogen stonden vol tranen en er was een uitdrukking in, die ik nog nooit bij haar gezien had.

— Wat is er? — Haar hoofd boog voorover, en zij deed een paar onzekere passen.

— Ach — o — niets, heelemaal niets.

Zij drukte haar zakdoek tegen de oogen; toen de hand zonk, was de starre blik heelemaal weg, zij glimlachte mat, hoewel het haar blijkbaar moeite kostte, en steunde tegen den boomstam.

— Ach, mijn vriend, wees niet boos, neen — het werd — mij — opeens zoo vreemd, ik dacht — dat er een aanval kwam. — Nu is het voorbij — ach, Lilly is heel dwaas, niet? Altijd deze domme geschiedenissen — o

Zij haalde heftig adem, en vroeg: — Hebt ge mij niet de hand op het hoofd gelegd? — O, dat deed zoo goed, dat heeft mij gewekt. — Wat stond zij mij plotseling weer ver. Ik keek schuw naar haar om; zij deed moeite, weer de oude vertrouwelijkheid te herstellen, maar het gelukte niet. Op 't oogenblik, dat wij verder zouden gaan, zeide ik: — Ge zijt eene gevaarlijke buurvrouw, miss Lilly, die arme kever heeft eraan moeten gelooven. Zij keek naar de plaats, waar de blauwe vleugeltjes lagen, als merkte zij het nu eerst. — Ach, laten wij een mis voor hem lezen, hij komt bij de anderen.

Het boschpad, waarop wij weer waren geraakt, scheen tot geen doel te voeren. Bergop — bergaf — en aldoor de doodelijke stilte van het pijnbosch. De regen begon

Sluiten