is toegevoegd aan uw favorieten.

De godin van het licht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

We zaten reeds voltallig aan tafel toen, tegen onze verwachting, Lilly ook verscheen. Ze had zich gepoederd als iemand die geweend heeft, sprak weinig en at bijna niets. Juist had de dienaar het eerste gerecht weggebracht, het gesprek bewoog zich binnen zeer beperkte grenzen, omdat ieder de zenuwachtigheid van onze gast opmerkte... toen Lilly opeens de armen slap liet nederzinken, het hoofd met krampachtig gesloten oogen vast tegen de leuning van haar stoel drukte en een zware zucht uitstiet.

Er viel niet aan te twijfelen: de aanval begon, onverwachts dit keer, onvoorzien als het uitbreken van een ziekte, die al te lang onderdrukt is en den mensch nu in eens neervelt. De graaf zond onmiddelijk de bedienden heen en liet de luiken dichtdoen. Een oogenblik scheen het alsof de kramp toch niet over zou gaan in den echten, somnambulistischen slaap; de spanning verminderde, de gelaatstint werd iets levendiger. Doch de trekkingen in het zenuwstelsel kwamen nog sterker terug en plotseling verhief zich de rechterhand en tastte in de lucht om; de vingers kromden zich met de beweging van schrijven. Allen zochten in hun zakken naar een stuk papier, Walter was de eerste, die snel een blaadje op tafel legde, de graaf gaf een potlood aan. Maar het tafellaken hinderde, misschien ook had het onvermijdelijke gedruisch van het terugschuiven van borden en glazen den geest gestoord ... de hand liet, in plaats van toe te grijpen, langzaam af, maar tegelijk begonnen de lippen zich te bewegen.

Een heele poos zag men alleen maar de beweging van het spreken, doch hoorde men geen geluid. Toen kwam er in heesche, knarsende geluiden, die eer uit een kunstige phonograaf schenen te komen, dan uit een zachte, menschelijke keel: — Zie toch — zie — te middernacht — o — wat is dat — aan het meer — waar de boot ligt — boot ligt — is dat een geest? — Gaat — hoort — gaat er heen om middernacht — middernacht — ja — ziet zelf ik kan niet mee — niet — kan — kan — — kan — o —

Hier werden de woorden onduidelijk, de lippen markeerde nog allerlei wat men niet meer verstaan kon, toen kwamen onmiskenbare teekenen van ontwaking.

Het was een korte openbaring geweest, kort van duur, doch merkwaardig genoeg door haar inhoud. De kapitein had de afgebroken woorden op zijn manchet gestenographeerd. Nadat Lilly, op Ernestines arm geleund, de zaal verlaten had, las hij het geschrevene nog éénmaal hardop