Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan gedwongen, ieder voor zich eene woning te betrekken. Men heeft dan ook werkelijk, zoo dikwijls men in eene winterwoning een marmot alleen heeft gevonden, dien kluizenaar steeds dood of in zeer vervallen toestand ontdekt. Het is ontwijfelbaar zeker, dat eene zoodanige uitsluiting van zieken eene kolonie van marmotten van het gevaar bevrijdt, de winterwoningen door ongezonde uitwasemingen en door het rotten van lijken te verpesten. Zou men echter bij marmotten een zóó hoogen graad van verstand mogen onderstellen, als zou moeten worden afgeleid uit een zoodanig jaarlijksch geneeskundig onderzoek ? In antwoord hierop kunnen wij mededeelen, dat de bekende zoöloog, dr. A. Girtanner in het tijdschrift „Zoologischer Garteri' een feit mededeelt, waargenomen in het park te St. Gallen, dat die jaarlijksche schifting onder de marmotten bevestigt. De parkwachter, een man, die bekend stond als een uitnemend waarnemer, een goed vriend der dieren en een zeer waarheidlievend man, en die niets kon weten van de waarnemingen van andere natuuronderzoekers, deelde geheel spontaan eenige jaren geleden in de maand October mede, dat de marmotten tot zijne groote verbazing eene groote vergadering hadden gehouden en plotseling een zeer oud, tot een geraamte vervallen dier hadden aangevallen, en het in korten tijd door woedende beten hadden gedood.

Loopende en sluipende roofdieren.

De welwillende lezer zal uit bovenstaande beschouwingen en proeven van verklaring reeds hebben gezien, dat het, om de daden van een dier juist te kunnen beoordeelen, in de eerste plaats noodig is, nauwkeurig een antwoord te kunnen geven op de volgende vragen:

i. Waar woont het dier? — wat is dus de geografische verspreiding ?

Sluiten