Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mediums toegelaten worden, niet behoeft te verdrijven, toch is het niet wenschelijk, dat zich dergelijke manifestaties vaak herhalen; althans voor de meeste mediums zullen zij nadeelig werken. En de manifestaties vau boosaardige, lage geesten moet steeds met beslistheid weerstaan worden. Zij zullen dau ook niet zich voordoen in ernstige kringen; alleen door onvoorzichtigheid van de mediums, of door het komeu der mediums op plaatsen, waar dergelijke geesten gebonden zijn (spookhuizen enz.) of ook wel ten gevolge van opzettelijke boosheid en wraakzucht van zulke geesten, die zich van een medium meester maken, kan de obsessie of «bezetenheid» ontstaan, waarbij inderdaad het medium iu een toestand van waanzin vervalt; en indien door gebed of door magnetisme de fatale macht niet kan overwonnen worden, dan is het eind, dat zulke ongelukkige «bezetenen» in een gesticht opgesloten worden.

Dergelijke obsessies zouden echter minder voorkomen, indien men die toestanden als zoodanig beter kende en in zijn begin op de rechte wijze tegenging. Toespraak tot zulke lage geesten gericht en een krachtig optreden om hen te verdrijven is in het begin genoeg om er een eind aan te maken. Heeft de obsessie echter langer, maanden of jaren, geduurd, dan kan de geest, al wil hij, zich niet zoo gemakkelijk meer losmaken van zijn medium. De magnetische bandeu zijn te sterk, en moeten door een krachtig magnetisme losgemaakt worden. Meestal echter worden dergelijke toestanden niet begrepen; van een toespreken vau den obsedeerenden geest, van eene magnetische behandeling is geen sprake; het krankzinnigengesticht is de eenige toevlucht, die men weet!

Zijn de geesten, die de trance veroorzaken, van beter gehalte, dan is er niets in de trance, dat vrees zou aanjagen Alles gaat kalm in zijn werk, en de oningewijde, voor het eerst zulke manifestaties bijwonende, kan nauwlijks gelooven, dat het niet het medium zelf is, dat schrijft, spreekt, of iets anders doet. Toch blijkt het dikwijls ondubbelzinnig, dat werkelijk een ander persoon, en niet het medium spreekt eu handelt. l)it blijkt b.v. uit de veranderde slem, die aan de stem van den zich manifesteerendeii geest herinnert, uit de gebaren en houding, die geheel den geest weergeven, en verschillend zijn naarmate het karakter van den geest anders is; eu vooral ook uit de gelaatstrekken, die soms op

Sluiten