Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat het van 't begin der Republiek reeds gebruikdyk.sgeweest.de Militairen over eivOe zaken voor den vuhtairen Reehterua.i e spreken". En de zoo juist genoemde Memorie van Willem Vbeg.nt met te zeggen, dat niets meer waar is dan deze stelling. „Dl M tairen kunnen, zoo in Civiele als in Crimineele zaaken van wat natuur dezelve ook zouden mogen zyn, voor geenen anderen, dan den Militairen Regter, worden teregtgesteld ). In tal van civiele zaken heeft de militaire rechter dan ook uitspraak gedaan .

Waar het leger als eene nova universitas werd aangemerkt was

dit ook consequent. Dezelfde redenen golden voor de civiele als

voor de crimineele jurisdictie. „De onderscheidene Jurisdictiën in alle de Provintiên zyn reeds van oude tyden zodanig verdee d geweest, dat 'er schier geene Stad was, of zy hadt hare Crimineele Jurisdictie: Ja veele Dorpen zyn daarmede beschonken, terwyl andere behooren onder kleine Balluagien: dus is t niet moge yk geweest de lieden, die onder deze menigvuldige Jurisdictiën behoorden, en zich in den militairen dienst begaven, hunnen dagelykschen Rechter onderhorig te laten, terwyl zy ver van dezelven, in 't Leger, in haar Guarnisoenen, of onder haar Vaendel trekkenc t waren Zelfs was 't niet wel mogelyk hun te stellen onder den Rechter der Guarnisoenplaatzen, dewyl hun verblyf daar onzeker, en aan dagelyksche verandering onderhevig is. Men voege daarby, dat zekerlyk veele vreemden zig altyd, gelyk als nog, onder t Krygsvolk bevonden hebben, die nergens binnen de Provintiên gehuist of gehoofd zynde, ja dagelyks van verblyf moetende veranderen, onder geen Rechtsgebied eigenlyk zouden behooren. Aldus geeft Rendorp naar mijne meening zeer juist, aan, waarom er eene afzonderlijke rechtspraak voor militairen was. Willem V zegt in zijne Memorie, dat .het renvoy van een Militair, die een Dehctum militare begaan heeft, by eene expresse Wet, te statueeren onnoodig schynt te zyn; dewyl de Burgerlyke Regter, geen genoegzaame kennisse kunnende hebben van Militaire delicten, dat renvoy van zelfs zoude moeten doen," doch wanneer rechtskennis vereisch wordt, dan is de hierboven aangehaalde stelling van Willem \ niet

? •>. Kemp, bi, 63-80 en bij Bendorp,

t. a. p. blz. 17 vlg. enkele gevallen.

;') t. a. p. blz. 61-62. #e ook blz. 70-71.

Sluiten