Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

commissaire du gouvernement en van rapporteur door denzelfden officier worden vervuld. Ik laat de „greffiers" en hunne substituten, evenals deze functionnarissen in Duitschland, buiten beschouwing.

In Duitschland zijn bij de Standgerichte alleen Gerichtsoffiziere aan den Gerichtsherr toegevoegd. Het juridisch element is daar niet vertegenwoordigd, omdat men het instituut van den „untersuchungsführenden Offizier" niet missen wilde en om de kosten '). Bij de overige Militargerichte zijn Militarjustizbearnte aan den Gerichtsherr toegevoegd, terwijl bij het Reichsmilitargericht een Militaranwaltschaft bestaat. „Ueber die Vertheilung der Geschafte", zoo luidt het in de Begründung2) „unter mehrere ihm zugeordnete richterliche Militarjustizbearnte bestimmt der Gerichtsherr. Der Entwurf geht dabei von der Annahme aus, dass der Regel nach Untersuchungsführung und Vertretung der Anklage in verschiedene Hinde gelegt werden, damit die Wahrnehmung richterlicher und staatsanwaltschaftlicher Funktionen in derselben Sache nach Möglichkeit getrennt bleibt." Evenwel is vereeniging van beide functies in een persoon niet ongeoorloofd, want beide ambtenaren zijn niet anders dan „Vertreter des Gerichtsherrn". Het vooronderzoek is een „ Ermittelungsverfahren", geheel naar de zienswijze van den Gerichtsherr te voeren. Daarentegen sluit de wet3) den Kriegsgerichtsrath (Oberkriegsgerichtsrath), die aan het Ermittelungsverfaliren, hetzij als Untersuchungsführer, hetzij als Vertreler der Anklage heeft deelgenomen, uit om als rechter in de zaak zitting te nemen en wel op straffe van nietigheid4). Daardoor moeten minstens vier Militarjustizbearnte aan den Gerichtsherr der höheren Gerichtsbarkeit worden toegevoegd. De Gerichtsoffiziere worden naar behoefte uit de subalterne officieren door den Gerichtherr benoemd en beëedigd.

De Militarjustizbearnte moeten de „Befahigung zum Richteramte nach Massgabe des Gerichtsverfassungsgesetzes" bezitten en worden voor het leven door den „zustandigen Kontingentsherr" benoemd. Zij genieten dezelfde voorrechten als de civiele rechters betrekkelijk de

') Materialiën, blz. 132.

'*) Materialiën, blz. 59-60.

3) § 122 n°. 4 Militarstrafgerichtsordnung.

4) Stenglein, t. a. p. aant. 3 op § 122 (blz. 75). Zie hot hiervoor op blz. 120-121 opzichten» ons land vermelde in tegenovergestelden zin.

Sluiten