Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

militaire. De artikelen 443—446 van den Code d'instruction criminelle betreffende de revisie en zijn in 1895 belangrijk gewijzigd.

In Duitschland onderscheidt men „ordentliche und ausserordentliche Rechtsmittel". Onder eerstgenoemde verstaat men overeenkomstig de gewone terminologie „diejenigen Rechtsbehelfe, durch welche gegen noch nicht rechtskraflige Entscheidungen ein Gericht höherer Instanz angerufen werden kann" l). Als zoodanig kent de Militarstrafgerichtsordnung die Rechtsbeschwerde, die Berufung und die Revision. De Rechtsbeschwerde wordt ingeroepen tegenover beslissingen, welke geen Urtheile zijn, dus tegenover Beschlüsse und Verfügungen, doch alleen, voorzoover dit uitdrukkelijk in de wet is vermeld 2). In den regel schorst de indiening van een Rechtsbeschwerde de aangevallen beslissing niet. Is zij terecht ingediend, dan wordt de beslissing natuurlijk opgeheven. De beslissing over de Rechtsbeschwerde geschiedt zonder voorafgaande mondelinge behandeling; alleen wordt bij het Reichsmilit&rgericht de Militaranwaltschaft vooraf schriftelijk of mondeling gehoord. Wie over de Rechtsbeschwerde beslist, moet „die in der Sache erforderliche Anordnung treffen".

De „Berufung" is in te stellen zoowel op feitelijke als op rechtsgronden tegen ieder vonnis, dat gewezen is door een Standgericht of door een Kriegsgericht in eersten aanleg. Het hooger beroep schorst de rechtskracht en de uitvoerbaarheid van het vonnis en wordt op gelijke wijze ingesteld als in het civiele strafproces, hetzij door den veroordeelde, hetzij door den Gerichtsherr. Wordt door den veroordeelde appel aangeteekend binnen den bepaalden termijn, dan kan hij later, doch binnen ééne week, de gronden, waarop de Berufung berust, meedeelen. De Gerichtsherr moet terstond bij de aanteekening van het hooger beroep meedeelen, „weshalb und inwieweit das Urtheil von ihm angefochten wird" 3). Dadelijk na de aanteekening zendt de Gerichtsherr erster Instanz de stukken aan den Gerichtsherr der Berufungsinstanz, die nagaat, of de wettelijke weg gevolgd en de wettelijke termijnen in acht genomen is, en anders het

') Begründung. Materialien, blz. 63a.

*) Zie de opsomming bij Weiffenbach, Einfiihring u. s. w., blz. 155-157. Bij Stenglein, t. a. p. ad § 373 der Militarstrafgerichtsordnung.

3) § 380 der Militarstrafgerichtsordnung.

Sluiten