Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

deeld is de beschuldigde echter niet, zijne exceptie van onbevoegdheid is alleen verworpen en daarvan appelleert hij.

Hiervoor ') heb ik niet een enkel woord de approbatie besproken, welke naar mijne meening geen rechtsmiddel is, al niet, omdat het zonder dat de partijen in het proces het wenschen in te roepen, ex officio wordt toegepast. Ik laat het verder rusten.

Tot 1848 kon men met Thokbecke 2) beweren, dat de vonnissen van den militairen rechter ook aan de controle van den Hoogen Raad moesten onderworpen worden, al liet de gewone wetgever na dit te bepalen. Art. 178 der toenmalige Grondwet was duidelijk. Sedert is echter het grondwettelijk voorschrift vervallen en feitelijk heeft de Hooge Raad nimmer controle over de arresten van het Hoog Militair Gerechtshof uitgeoefend. In hoeverre hetwenschelijk is, dat dit bij eene herziening gebeurt, behoeft geen nader betoog. Intusschen is mr. van der Hoeven nog van meening, dat het een eisch der Grondwet is 3).

Met opzet heb ik uitvoerig stilgestaan bij de regeling van het militaire strafproces. Wij hebben gezien — ik heb er meermalen op gewezen — dat het Fransche proces zooveel mogelijk aan het gewone strafproces aansluit en dat daar ook evenals in het civiele strafproces rekening gehouden is met de eischen, welke men aan het moderne strafproces stelt. En insgelijks, dat het Duitsche militaire proces, niettegenstaande dit slechts een paar jaar geleden is herzien, tengevolge van militaire redenen afwijkt van het civiele strafproces, zooals dit in de Strafprozessordnung is geregeld, en dientengevolge nog minder dan dit wetboek met de vordering der strafrechtswetenschap rekening houdt.

Nu meenen sommigen, dat men kan volstaan met de hervorming van het militaire strafproces en aan den militairen rechter de afzonderlijke rechtspraak over militairen kan laten, terwijl niettemin aan de militairen die waarborgen van rechtszekerheid worden gegeven, welke de burgers hebben. Daardoor zou men de voorstanders

') Blz. 239.

-) Aanteckcning op de Grondwet, II, blz. 190. Zie ook Buys, De Grondwet, II, blz. 4CS-469.

3) Memorie van Toelichting bij het ontwerp van Wet tot voorloopige regeling der rechtsmacht van den militairen rechter, blz. 1.

Sluiten