Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voldoende kennis in de wetenschappen die aan de militaire rechtswetenschap aanverwant zijn."

Arme strafrechter! Hoe kan hij met grond een oordeel uitspreken over scheepvaartmisdrijven, zonder een driemaster buitengaats te kunnen brengen; over muntmisdrijven, zonder te weten, hoe het randschrift in den gulden wordt gesneden; over afdrijving, zonder wellicht de geringste gynaecologische kennis te bezitten; over de gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke storing van de verstandelijke vermogens des daders, zonder de pathologie der hersenen te hebben geleerd? Doch in ernst, wat bedoelt mr. Rollin Coüqderque met de wetenschappen, die aan de militaire rechtswetenschap aanverwant zijn? Toch wel de overige deelen der rechtswetenschap, waarin, gelijk wij hebben gezien, de militairen niet veel gestudeerd hebben? En de overige militaire wetenschappen zijn, hetgeen vroeger reeds opgemerkt is, zeer dienstig voor de feitelijke kennis, doch hebben met rechtspraak niets uit te staan.

Na de beantwoording der eerste vraag stelt Rehm de tweede vraag: „Stellt die Militarstrafgerichtsbarkeit innerhalb der MilitSrhoheit einen Bestandteil der Kommandogewalt oder der Militarverwaltung dar?" ') Men dient het eigenlijke militaire opperbevel — d. w. z. al die bevoegdheden, welke noodig zijn om de rechtstreeksche militaire actie mogelijk te maken — de bevelvoering — te onderscheiden van de militaire administratie, welke zorgt voor de middelen om de militaire organisatie bijeen te houden en voor de mogelijkheid om met haai' te kunnen ageeren. Het is duidelijk, dat de werkzaamheid van den militairen rechter niet onder de bevelvoering is te brengen. Rehm voert twee gronden aan om te bewijzen, dat de „Militarstrafrechtspflege als ein Stück Militarverwaltung aufzufassen ist," namelijk, uat niet „den obersten Militarkommandobehörden," maar „den obersten Militarverwaltungsbehörden" het toezicht is opgedragen en verder de noodzakelijkheid van eene Bestatigungsorder für militargerichtliche Urteile". Ik kan niet zeggen, dat Rehm hier gelukkiger is in zijne bewijsvoering dan zooeven.

De voor de hand liggende reden 2), dat de rechtspleging geen bestanddeel der bevelvoering is, maar tot de admistratie behoort,

') T. a. p. blz. 419.

') Het spreekt van zelf, dat ik hier de voor de handliggende reden noem van degenen, die de militaire justitie tot de administratie brengen.

Sluiten