Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een ander voorbeeld. Aan iemand is te last gelegd wegneming van

aan een ander toebehoorend goed met oogmerk tot wederrechtelijke

toeëigenmg, dus diefstal. Er blijkt echter dat hij het goed onder zich

, e"e tweede vervolging is uitgesloten; de «naterieele gegevens

voor beide vervolgingen zijn toch geheel dezelfde, er is alleen verschil

in iets immaterieels, de betrekking van den dader tot het goed

Daarentegen 1 «sliste de Hooge Raad i) terecht dat, wanneer van

oplichting ,s vrijgesproken, eene vervolging wegens verduistering be-

trenende dezelfde zaak niet is uitgesloten; het eerste misdrijf bestaat

toch materieel in het verkrijgen, het laatste in het misbruiken van het goed.

Evenzoo bestaan voltooid misdrijf en poging 2). daderschap en medeplichtigheid, misdrijf en heling 3) uit onderling verschillende materieele elementen, al hebben zij natuurlijk een gedeelte gemeen J).

feit ,1e feitelijke gegevens der vervolging uit strafrechtelijk oogpunt beschouwd.

•i l. ."V9 he' 8,rafrechtel'Jke °"SP"nt >.<le schennis der natuur in het misbruikte individu», bij nrt. 249 het misbruik van macht of gezag. Zij spreken

nu van strafrechtelijk, en niet van strafwettelijk oogpunt, omdat het 'laatste ,1e wettelijke qualificatie mede zoude omvatten; maar zij vergeten .lat er voor de we (en het geldt hier juist de toepassing van de wet) geen ander strafrechtelijk oogpunt bestaat dan het strafwettelijke. Zij maken dus juist de fout die zij willen vermijden, en lezen in ons artikel feit als strafbaar feit.

Ik kan mij natuurlijk ook niet vereenigen met het gevoelen dezer schrijvers dat eene buitenslands ingestelde vervolging wegens aanslag tegen onzen koning, >m a , aar >ij et feit moet gequalificeerd worden als aanslag tegen het hoofd \an <«n"i evrienden staat, niet in den weg zou staan aan eene vervolging hier e lande: de materieele gegevens zijn immers volkomen dezelfde.

Bij arrest van 23 September 1808, 1'. v. J. 1898, no. 10(), besliste het Hoog ' '!rre 'f °°k tege" '"'J- ü<' Advocaat fiscaal beriep zich op het arrest I ,an, ' °0gen Raa<1 van - l Juni 1872, van den iïonert Strafrecht 1872, a z. maar zag het boven aangehaalde afwijkende arrest van 13 April 1891 over het hoofd. r

1) Arrest van 13 April 1891, Wbl. «020, I». v. J. 1891, no. 35 -') Hof Arnhem 12 October 1892, Wbl. U281.

3) Idem 2 December 1890, P. v. J. 1891, no. 27.

*) De in noot 1 0p bladz. 359 gesignaleerde fout van Polenaar en Heemskerk vin, t men terug in hunne aanteekening 9, waar zij leeren dat eene vroegere o j iste qualificatie van daderschap of medeplichtigheid geene aanleiding kan ges en ot eene latere vervolging onder eene andere qualificatie, mits op alle omstandigheden van het feit is recht gedaan, tenzij bijzonderheden bekend zijn geworden die bij de eerste vervolging niet bekend waren. Ook hier weder qualificatie, strafbaar feit, voor feit. De vraag is enkel of het geheel der materieele gegevens hetzelfde is. Wijst dat geheel op een voltooid misdrijf, op daderschap, dan kan er van qualificatie als poging, als medeplichtigheid, geene sprake

Sluiten