Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van des Ministers motieven voor deze wijziging, voor zooveel de overtredingen betreft, bleek niet; de wijziging voor drukpersdelicten hangt te zanten met die welke in art. 66 is gebracht door wegneming van liet laatste lid, dat den klachttermijn voor deze misdrijven liet loopen van den dag 11a dien waarop het misdrijf is gepleegd.

Eene correspondeerende bepaling werd aangetroffen in art. 71, volgens welks derde uitzondering de verjaringstermijn voor drukpersmisdrijven, tevens klachtdelicten, ook zou loopen van den dag na de indiening van de klacht. Eerstgenoemde bepaling werd verkeerd geacht; de Minister schrapte ze dus en bracht nu een nieuw stelsel voor de drukpersdelicten in de wet, dat eenvoudiger is en in de verjaringstermijnen geen belangrijk verschil overlaat.

Volgens de oorspronkelijke bepalingen zou een drukpersdelict, tevens klachtdelict, in drie, resp. negen maanden voor de klacht, en zes maanden voor den verjaringstermijn, dus in negen of vijftien maanden verjaren; volgens het nieuwe stelsel altijd in een jaar.

Het ongerief in de gemaakte wijzigingen kan echter zijn dat het openbaar ministerie van eene op den uitersten termijn van buiten Eurojia gedane klacht gesaisisseerd. slechts weinig tijd tot voorbereiding van de vervolging overhoudt. Voor het verzenden van de klacht staan negen maanden (zie aant. 4 op art. 66); daar komt bij de tijd dien zij noodig heeft om het openbaar ministerie te bereiken; er blijft dan waarlijk niet veel van den verjaringstermijn over. En dit was juist de reden die in de Memorie van toelichting op art. 71 was aangevoerd ter verdediging van het stelsel dat den termijn van de klacht af doet loopen.

"Waarom overigens voor drukpersdelicten de termijn gelijkgesteld moest worden met dien voor overtredingen en zooveel korter dan voor andere misdrijven, wordt nergens gezegd; allen, die aan het tot stand komen van het wetboek hebben medegewerkt, schijnen dit als van zelf sprekend te hebben beschouwd.

Drukpersdelicten maken echter niet eene afzonderlijke kategorie van misdrijven uit, maar zijn van zeer uiteenloopenden aard en hebben onderling niets gemeen, dan dat de drukpers er voor dienst heeft gedaan. Men heeft den korten termijn wel verdedigd door er op te wijzen dat deze misdrijven spoedig behooren vervolgd te worden. De eiscli van bespoediging kan enkel beteekenis hebben bij politieke misdrijven, en er kunnen eene menigte andere door middel van de drukpers gepleegd worden. Het middel tot bespoediging is overigens zonderling gekozen. Daarenboven leert de praktijk niet dat in don regel met de vervolging bijv. van eenen moord wordt gedraald omdat de verjaringstermijn lang is.

En het maakt wel eenen zonderlingen indruk dat een misdrijf noyon, Het Wetb. ii. Strafr., 2e druk. 24

Sluiten