Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het bedrag niet groot is, dan wanneer de omslag in die mate wordt verhoogd, zooals zal kunnen geschieden volgens den wensch van den geachten spreker. Willekeur is van iedere belasting niet geheel af te scheiden, omdat een volkomen zekere grondslag van juiste verdeeling niet te vinden is. Maar er is eene groote klove tusschen hetgeen louter willekeur is en hetgeen op, schoon niet volkomen zekere, dan toch aanwijsbare gronden berust. Er zou ten gevolge van den wensch van den geachten spreker een toestand geboren worden, zoo als men bij ons nog niet kent. Tot dusverre zijn in alle gemeenten van ons land opcenten op grondbelasting en personeel geheven. Nu zou men kunnen beginnen met hoofdelijke omslagen, en hoofdelijke omslagen zou men in vele plattelandsgemeenten tot ecnige belasting kunnen maken.

Ik kom thans tot de beantwoording van den geachten spreker uit de residentie. Hij heeft weder, zoo als hem niet vreemd is, een strooptocht gedaan op het terrein, of ook buiten het terrein, van de discussie; de Duitschers noemen het Kreuz-und Querzüge. Hij heeft herinnerd, dat ik gezegd had, dat volgens mijne innige overtuiging het aannemen van dit stelsel eene weldaad zou zijn voor het F,and. Ik had gesproken van eene weldaad voor de gemeenten van ons Land. De geachte spreker heeft bij die gelegenheid opgemerkt, dat alle instellingen welke wij hebben erlangd sedert 1795 — instellingen, die voorzeker met zijne beginselen niet overeenkomen — aan de natie als weldaden zijn voorgespiegeld. Maar het komt hier niet aan, Mijne Heeren, op een woord; het komt hier aan op redenen, op gronden. Het is niet in een manifest, niet in eene publicatie, dat dit stelsel met grooten ophef is aanbevolen als eene weldaad; maar het is bij wijze van betoog geschied, eerst van schriftelijk betoog, en later van mondeling betoog bij meer dan ééne gelegenheid in den loop van de laatste weken. De geachte spreker heeft gezegd: wanneer men dan de gemeentebesturen volstrekt wil beletten kwaad te doen, dan kunnen ze ook geen goed doen. Ik vrees, Mijne Heeren, dat er. bij de aanneming van dit stelsel, voor de gemeentebesturen nog zeer veel ruimte zal overblijven om kwaad te doen. Ik wil hopen dat de gemeentebesturen van die vrijheid om kwaad te doen, zoo min mogelijk gebruik zullen maken. Maar nu te willen dat men die gelegenheid om kwaad te doen nog zal vermenigvuldigen, nu te zeggen dat men geene algcmeene regelen moet stellen, daar een verstandig gemeentebestuur die overal toch zal aannemen, dit komt mij, bij het stellige gebod van de Grondwet, dat algemeene regelen eischt, niet aannemelijk voor. De geachte spreker heeft weder gezegd, dat de werkkring van de Provinciale Staten weinig beteekent, en dat daaruit misschien te verklaren was, dat men hier en daar weinig belang stelt in de keuze van een lid voor de Provinciale Staten. Ik geloof, Mijne Heeren, dat men hierin een nieuw bewijs vindt, hoe genegen' de geachte

Sluiten