Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij moet eene sterke, angstige vrees zijn. Bezigen van het woord angst, als meer de oogenblikkelijke, heftige vrees aanduidend, had

de voorkeur verdiend.

Dat de moeder het kind reeds meer of min verzorgd heeft behoeft liet bestaan en den invloed der vrees niet uit te sluiten.

Ook tusschen gehuwde en ongehuwde vrouwen, tusschen vrouwen die ingetogen en die losbandig leven, wordt niet onderscheiden; evenmin wordt gelijk in art. 13 5'J der wet van 29 Juni 1854, Stbl. 102, gevraagd of het feit een eerste is of reeds door een ander van gelijken aard is voorafgegaan; alleen zal in elk bijzonder geval de vraag beantwoord moeten 'worden of de vrees inderdaad de aanleiding tot het feit is geweest.

Daar de vrees alleen de ontdekking der bevalling kan betreffen moet deze nog geheel geheim zijn: zoodra een ander ze kent en er dus over spreken kan, is de ontdekking reeds geschied. De wet onderscheidt hier niet en gebruikt een zeer absoluut woord; dat de moeder hare bevalling ontdekt ziende wil voorkomen dat zij meer ruchtbaarheid verkrijgt of zelfs dat anderen er kennis van krijgen voor wie liet geheim juist in de eerste plaats bewaard moest blij\en, verschoont liaar niet. Zij moet het geheim, dat geheel alleen het hare is, door de daad willen bewaren.

3. Het tijdstip der handeling moet vallen kort na de geboorte. In art. 290 en 291 staat: bij of kort na.

Dat het hier bedoelde feit bij de geboorte gepleegd wordt is onmogelijk. De aard van de handeling brengt ook mede dat de grenzen niet al te eng getrokken worden. Voor het dooden van een kind is veel minder herstel van de door de bevalling gebrokene fysieke kracht noodig dan voor het te vondeling leggen of verlaten, waartoe de moeder zich moet kunnen verplaatsen.

Waar het geldt kinderdoodslag of kindermoord kort na de bevalling zijn onderscheidene grenzen voorgesteld en vastgesteld. De Memorie van toelichting wijst op den tijd van 24 uren in het Saksische wetboek; in de wetenschap zijn nog veel kortere termijnen aangenomen of althans termijnen die, omdat zij niet in een bepaald aantal uren of dagen zijn uitgedrukt, korter kunnen zijn. Zoo is genomen de duur van eenen abnormalen fvsieken of die van eenen abnonnalen psychischen toestand der vrouw.

In de toelichting van dit artikel staat wel dat men geenen willekeurigen in uren of dagen uitgedrukten termijn kan stellen, maar er wordt niets in gevonden waaruit des wetgevers bedoeling met de gebezigde woorden blijkt.

De tijdsbepaling moet nu in verband gebracht worden met de vrees,

Sluiten