Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werkt of niet vervoerd, en het kan voor hem dus niet iets zijn waarvan de wegneming beschouwd zou kunnen worden als „inbreuk alleen op het oocupatierecht"; eindelijk moet de eerste dief bezitter zijnde tegenover den tweeden als eigenaar beschouwd worden. Zulke voorwerpen vallen dus niet onder art. 314.

Intusschen is die gedachte niet overal in de wet belichaamd, noch in de wet van 1854, noch in het wetboek van strafrecht. Bij sommige objecten is bepaaldelijk uitgedrukt in welken toestand zij moeten verkeeren om voorwerp van strooperij te zijn, maar bij vele mist men elke beperking van dien aard. Klei, bagger, zand, aarde, grind, zoden, plaggen, heide, helm, wier, riet, biezen, mos beantwoorden in hunnen aard aan hunne eenvoudige benamingen zoowel wanneer de eigenaar er eenige daad van eigendom aan heeft verricht als vanneer zij nog zijn waar en zooals de natuur ze heeft voortgebracht. Bij gebrek van eenige beperking in de wet zelve, heeft de Hooge Raad uitgemaakt, moeten genoemde voorwerpen onder alle omstandigheden beschouwd worden ais voorwerp uitsluitend van strooperij i).

Dat men hierbij in anomalieën geraakt is duidelijk: zand en aarde vallen onder art. 314 ook al hebben zij bewerking en vervoer ondergaan, veen daarentegen zoolang het ongesneden is; riet, biezen en mos altijd; boombladeren alleen ongeplukt of afgevallen; geoogste veldvruchten niet, geoogste en achtergelatene wel, daar de wet ook niet beperkt is tot hetgeen in den grond is blijven zitten.

Onder mestspeciën vallen zoowel de verzamelde mesthoop en de mest in den stal als de faecaliën op het land zooals zij van het vee komen of door den landbouwer er over gebracht zijn.

Is hier de eigenlijke velddiefstal uitgebreid tot een en ander dat met het landbouwbedrijf in verband staat, geheel vreemd er aan is de wegneming van puin, afval van bouwmateriaal, waarvan de invoeging in het artikel aan het initiatief der Commissie van Rapporteurs der Tweede Kamer te wijten- is.

De omschrijving van hout: onbewerkt en niet vervoerd hak- of sprokkel-hout, is gekozen ter beslissing van de onder de wet van 1854 ontstane strijdvraag omtrent de uitgebreidheid van het begrip hout. Intusschen laat zij nog eene enkele vraag open: zóo of het afhakken van den stam reeds bewerken is. Ik zou die vraag ontkennend beantwoorden; was enkel afhakken reeds bewerken, dan zou de bijvoeging: niet vervoerd, volkomen overtollig zijn.

1) Arrest van 6 October 1902, Wbl. (831, P. v. J. 1902, no. 185. Ik moet de juistheid dezer uitlegging erkennen. In de eerste uitgave eene andere nieening uitsprekende, zag ik voorbij dat deze in damuum rei is.

Sluiten