Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aangewezen is tot het verleenen van hulp. Niet alleen vragen aan een armbestuur is dus geen bedelen, maar ook vragen aan naaste betrekkingen of vrienden, bij wie niet zoo zeer een beroep op medeJijden als wel op de uit de betrekking voortvloeiende zedelijke verplichting wordt gedaan ]).

Eindelijk bestaat er onderscheid tusschen bedelen en collecteeren. In hoeveel opzichten beide met elkander mogen overeenkomen, het feit dat bedelen strafbaar en collecteeren (zie art. 13 der wet tot regeling van het armbestuur) toegelaten is, wijst op een door de wet zelve erkend verschil. Ook hier komt het, dunkt mij, aan op het begrip van aalmoes, zijnde in hare bestemming de vervulling van, eene ogenblikkelijke behoefte-).

2. Als eenige voorwaarde voor de strafbaarheid van bedelen is. gesteld dat het in het openbaar geschiede; zie daarover aanteekening 3 op art. 131.

Tot bedelen in het openbaar is ten slotte de strafbaarheid beperkt nadat in het ontwerp het enkele bedelen zonder meer als overtreding, het bedelen als gewoonte door iemand die niet gewoon is eenig beroep uit te oefenen benevens het bedelen met gebruikmaking van middelen geschikt om vrees aan te jagen of in vereeniging van twee of meer niet tot hetzelfde huisgezin behoorende personen als misdrijf was. gequalificeerd.

Bij de schriftelijke behandeling werd ten aanzien van de openbaar^ heid veelal de blik gevestigd op het bedelen op den openbaren weg of althans oj > publieke plaatsen. Dit heeft aanleiding gegeven tot devraag of de uitdrukking „in het openbaar" hier niet in eene ineer beperkte beteekenis moet worden opgevat dan zij elders heeft. De Hooge Raad heeft terecht die vraag ontkennend beantwoord, in hoofdzaak op grond dat, terwijl eenmaal bij de behandeling van voorafgaandebepalingen de beteekenis der uitdrukking was vastgesteld, de geschie-. denis van art. 432 geenszins medebrengt de noodzakelijkheid van het aannemen van eene afwijking 3).

Bij de beraadslaging in de Tweede Kamer heeft de Minister van,

1) Zie Van Drooge t. a. p.

2) 7.ie omtrent de verschillende vereisehten Sehooneveld, aanteekening 4—19 op art. 274, en G. W. van der Feltz, Wat is bedelen? academisch proefschrift, Leiden I87S, hoofdstuk II.

3) Arrest van 9 Mei 1887, Wbl. 5429 ; 24 Juni 1889, Wbl. 5746, I'. v. Jv 1889, no. 96. De leer van den Hoogen Raad is- bestreden door J. Verloren in. Tijdschrift voor strafrecht III, bladz. 307.

Sluiten