Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Feitelijkheden, 5.

Klacht, art. 269.

Bevoegde klager, 2. Beleediging van bepaalde personen. Koning, Koningin, art. 111. Troonopvolger, lid van het koninklijk huis, Regent, art. 112.

Regeerend vorst, hoofd van

bevrienden staat, ait. 117. Vertegenwoordiger eener buitenlandsche mogenheid, art. 11S.

Ambtenaren, art. 267.

Belemmeren.

Van ambtshandelingen (ook beletten , verijdelen), art. 184, 6. Bijzondere wetten, 10. Van toegang tot eene begraafplaats en vervoer van een lijk daarheen, zie Begraafplaats. Van lijkschouwing, art. 15)0. Van blnsschen van brand, art.

159, 6, 7.

Van verkeer op renen weg, art. 427 60.

Van het verkeer in het openbaar,

in dronkenschap, art. 426. Van vrijheid van beweging, art. 4266i's, 4.

Beletten, zie Belemmeren.

Belofte of gift.

Aan kiezers, zie Orakooping. Aan ambtenaren, art. 177 , 3, 6. Poging, 4.

Oogmerk, 7—9.

Handeling in bediening, 10,11. Aan rechters, art. 178.

Oogmerk, 2, 3.

Aan beslissing onderworpene zaak, 4, 5.

Door ambtenaar of rechter aangenomen , art. 362—364. Als middel van uitlokking, zie Deelneming'.

Belofte of bevestiging in plaats van eed, art. 207, 4.

Beplanting, bepoting. zie Grond.

Bericht openbaar maken of mededeelen, art. 98.

Aan de telegrafie toevertrouwd, art. 374.

Berisping, art. 9, 5, 0. art. 27— 29, 7,9, art. 45. 16, art. 49,4.

Beroep.

Ontzetting uit-, art. 28—31, 24, 25.

Onbevoegd uitoefenen, art. 436. Na ontzetting, art. 190.

Beschadigen, zie Vernielen.

Bescheiden, art. 98. 200. 361, 470.

Beschimpen van voorwerpen van eeredienst, art. 147, 1, 5.

Beschrijving van militaire werken, art. 430.

Beslag, onttrekken aan-, vernielen van goed onder-, art. 198, 3, art. 202.

Besloten erf, art. 138. 15, 16,

18, art. 311 3', art. 370.

Besloten lokaal, art. 138. 15, 16, 18, art. 370.

Bespotten van eenen bedienaar van den godsdienst, art. 147. 2. In de waarneming, 1, 4.

Sluiten