Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ALGEMEEN OVERZICHT.

aetiologisch te splitsen. Het gevolg daarvan was weer, dat de behandeling ook geen rekening zou behoeven te houden met den aard der aanwezige parasieten, zoodat summa summarum de quaestie, zooals zij oorspronkelijk gesteld werd, inderdaad van groot belang was.

In den loop der jaren zijn echter de scherpe puntjes er een beetje afgeslepen. Laveran geeft nog niet toe, dat er verschillende soorten zijn, maar hij heeft toch in zooverre concessies gedaan, dat hij aanneemt, dat bij bepaalde koortsvormen bepaalde vormen van parasieten voorkomen. Hij zegt: „les différences morphologiques qui existent d' ordinaire entre les parasites des fièvres tropicales et ceux des „fièvres tierces et quartes me paraissent devoir êtrerappor„tées a des variétés d' un même hematozoaire et non a des „espèces distinctes. On peut admettre les variétés suivan„tes: H. malariae var. parva, H. maleriae var. „magna, H. malariae var. quartanae. „La variété „parva est celle qui se rencontre d' ordinaire dans les „fièvres graves des pays tropicaux, elle correspond aussi „aux formes estivo-autumnales des auteurs italiens. La „variété magna se rencontre plus particulièrement dans les

tierces bénignes" ') Dit klinkt heel anders dan

Laverans vroegere uitspraken. Feitelijk is hij zoodanig van front veranderd, dat hij toegeeft, dat de vormen van parasieten, die men bij de verschillende koortsvormen aantreft, verschillend zijn, en dat is de hoofdzaak. Want het is voor ons van zeer ondergeschikte beteekenis, of men hier van soorten dan wel van variëteiten wil spreken. Men zou allicht geneigd zijn, aan te nemen, dat dit een cardinale quaestie was; dit is echter niet het geval, gelijk moge blijken uit een gezegde van den bekenden protozoënvorscher Schaudinn, dat luidt: „solange wir die Unterschiede dieser Form (tropica) „von den beiden andern nicht genauer prezisiren können

') Laveran, Prophylaxie du paludisme, 1903.

Sluiten