Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eerst door deze is de "expansie" van Engeland, de bouw van het Britsehe rijk, mogelijk geworden. Niet alleen omdat van toen af de burgerstrijd ophield. maar vooral omdat Engeland eerst toen het onverdeeld gezag over de Britsehe eilanden verkreeg. Ierland werd eerst toen voorgoed onderworpen; Schotland weinige jaren later, door de Unie van 1706, met Engeland een politisch geheel. Van nu af vormden de Britsehe eilanden de kern, waaraan de overige deeleu van het rijk zich konden vasthechten.

Niet lang voor de revolutie van 1688 had een schijnbaar onbeteekenend feit, het als huwelijksgift door Portugal afstaan van de kleine nederzetting Boinbay aan Indië's westkust en van de nog waardeloozer bezitting Tanger aan die van Marokko, den Engelschen tegelijk nieuwe uitzichten in Indië geopend en de waarde leeren kennen van het bezit eener vestiging aan den mond der Middellandsche zee. "t Was niet de eenige kostbare nalatenschap der overigens onheilvolle Stuartheerschappij. De verovering van Nieuw-Nederland had Engeland het onverdeeld bezit der Atlantische kust van Noord-Amerika bezuiden den Sint Laurens verschaft.

Van toen af ging Engeland met reuzenschreden verder. Alle mededinging hield op. Al bij den vrede van Utrecht, in 1713, kou men zeggen: Brittaunia. ruit- the wave». Die vrede verschafte liet Gibraltar, een veel beteren sleutel der Middellandsche zee dan Tanger was geweest, en Minorea, dat toen de rol vervulde van Engelsch station, welke later op Malta is overgaan. Van toen af begon de strijd met Frankrijk om het bezit van Noord-Amerika en Indië, die, vijftig jaar later, bij den vrede van Parijs, met de volledige zegepraal van Groot-Brittannië eindigde. Het Britsehe wereldrijk was gevestigd.

Maar op datzelfde oogenblik dreigde de ondergang. De strijd met de oude Amerikaansehe koloniën ving aan, zoodra Engeland de nieuwe in bezit had genomen. Frankrijk en Spanje spanden nog eens hun krachten in om gebruik te maken van de gelegenheid, Engeland de zeeheerschappij en zelfs het bezit van Indië te ontweldigen. Engelands macht scheen op het punt van te bezwijken, liet bezit der Amerikaansehe koloniën moest het opgeven, en zijn gebied in NoordAmerika bleef beperkt tot het uiterste noorden van het werelddeel. Maar de zeeheerschappij hield het vast en in Indië bleef het meester. De grondslagen van het gebouw van zijn wereldrijk bleven ongeschokt. Toen de groote revolutie op het vasteland van Europa begon, kon

Sluiten