Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waren, zou het lot van Italië anders geweest zijn. Thans eaf Garibaldi slechts een belofte voor de toekomst.

AlleenVeneti ë bleef nog in de wapenen. Karei Albert had de aangeboden souvereiniteit aangenomen, eenige troepen gezonden en door commissarissen den 7d,,n Augustus bezit van de stad laten nemen. Met den wapenstilstand van Salasco werd twee dagen later aan dat bezit een einde gemaakt. Zelfs eischte Welden, op grond van deze overeenkomst, de overgave der stad. Doch die werd geweigerd. Alleen lieten de Sardinische commissarissen, wier gezag nu niet langer gold, Manin toe de vertegenwoordigende vergadering bijeen te roepen , die den 18de" dezen de dictatuur opdroeg en tevens een gezantschap naar Parijs zond om de Fransche tusschenkomst te verzoeken. Manin nam de waardigheid wel aan, ma;ir voegde zich voor de militaire- en zeezaken eeu tweetal ambtgenooten toe, zoodat Venetië door een triumviraat bestuurd werd. In September verlieten daarop de Sardinische troepen en schepen de Venetiaansche forten en wateren; de weinige Napolitauen hadden dat al vroeger gedaan. Venetië bleef aan de bescherming zijner eigen krachten overgelaten. Een jaar lang heeft het zijn vrijheid gehandhaafd.

De crisis was in Ttalië voorbij, de strijd was beslist, niet ten voordeele der revolutie. Maar de algemeene toestand van Europa liet nog geen eigenlijke reactie toe. Wel voerden Oostenrijksche troepen den hertog van Modena in zijn landje terug en werden ook Parma en Piacenza bezet. Maar Welden's poging om in Augustus Bologna aan te tasten werd verijdeld. Radetzky verbood hem vijandelijkheden, en toen het toch, niet geheel toevallig, daartoe kwam, bleven de Oostenrijkers niet in het voordeel. Zij moesten zich met Ferrara tevreden stellen. Verdere ondernemingen van Welden werden door de in zijn leger uitbrekende moeraskoortsen onmogelijk gemaakt, lu Noord-ltalië trad van zelf een algemeene stilstand in, een tijd van afwachten.

Dat was zelfs in het zuiden het geval. Daar had de 15de Mei het gevolg, dat in de steden van Calabrië, de Basilicata en de Abruzzen opstanden van de zeer radicale bevolking plaats hadden. Te Cosenza in Calabrië trad een voorloopige regeering op, onder een der voornaamste leiders der Napolitaansche radicalen, Ricciardi; zij bracht zelfs een klein legertje op de been. Maar Ferdinand II liet haar geen tijd. Hij zond terstond een aanzienlijk aantal troepen en maakte

Venetië volhardt in den tegenstand.

Napels en Si. cilië in het najaar van

1848.

Sluiten