Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Napoleon er de Romein sche expedi tie

was, dat het tot den 1*« April duurde eer de stad, welke straat voor straat verdedigd werd, geheel was bedwongeu. De geheele bevolking, zonder onderscheid van geslacht of leeftijd, had er aan deelgenomen. Haynau had eindelijk den verbitterden soldaten verboden pardon te geven, en zoo werden ook vrouwen en kinderen niet gespaard en hield het moorden en plunderen nog aan, nadat alle tegenstand had opgehouden. Het was een tooneel, dat aan de oorlogen in Spanje en Griekenland deed denken. In de oogen der Oostenrijksche militairen was het echter slechts een rechtmatig strafgericht over verraderlijke rebellen.

De opstand van Brescia stond echter alleen; de enkele plaatsen in Lombardije, waar, op liet bericht van het hervatten van den strijd, voor een oogenblik de rust was verstoord, onderwierpen zich, en alleen Venetië bleef, hoewel nu van allen bijstand verstoken, in zijn tegenstand volharden. Maar overigens heerschte in Lombardije rust; de Oostenrijksche heerschappij was opnieuw gegrondvest. Maar meer dan ooit te voren rustte zij op geweld; en de constitutioueele rechten, die, zoolang de regeering het toeliet, in de Oostenrijksche monarchie bestonden, waren er nog meer een doode letter dan ergens elders.

De hertogdommen Modena en Parma werden natuurlijk onmiddellijk na den slag bij Novara door de Oostenrijkers bezet, en onder hun toezicht onder het gezag hunner vorsten gesteld. Dat hetzelfde niet terstond m Toscane en de Legatiën geschiedde lag aan de diplomatieke verwikkelingen, welke nog voor een oogenblik de onderwerping van Midden-Italië vertraagden.

l De voorbeeldeloos snelle en beslissende zegepraal van Radetzky deed bijna vergeten dat de Oostenrijksche regeering in diezelfde dagen in de moeilijkste omstandigheden verkeerde en kwalijk in staat was zich tegen de Hongaarsche revolutie te handhaven. Niettegenstaande die zegepraal zag zich dus Schwarzenberg verplicht alle botsingen met het buitenland, in het bijzonder inet Frankrijk, te vermijden.

Er kon geen sprake meer zijn dat Oostenrijk, als na 1821, alleen Italië beheerschte. Vandaar dat Schwarzenberg er zelfs niet aandacht om zelfstandig iu den Kerkelijken Staat op te treden. Zelfs toen de paus de vier katholieke mogendheden Oostenrijk, Frankrijk, Spanje en Napels met opzet ieder afzonderlijk te hulp had geroepen, opdat deze daarbij zelfstandig zouden kunnen handelen, zonder overleg met

Sluiten