Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vestiging vt het absolu tisme.

nationale garde te beletten en werd gezorgd voor het drukken der noodige proclamatiën en regeeringbesluiten, terwijl alle dagbladdrukkerijen door soldaten en politie bezet werden, zoodat geen enkel blad, waar oppositie van te verwachten was, kon verschijnen. Bij liet aanbreken van den dag was alles afgeloopen en vond de bevolking van Parijs overal het besluit van den president aangeplakt, waarbij deze: 1°. de Nationale Vergadering ontbond; 2°. het algemeen stemrecht in vollen omvang herstelde; en 3°. liet Fransche volk dans se» comices bijeenriep, om tusschen 14 en 21 December over deze maatregelen zijn oordeel uit te spreken. Parijs en omstreken werden in staat van beleg gesteld.

In een proclamatie aan het Fransche volk werden deze maatregelen toegelicht. De president verklaarde, dat de constitutie een beletsel was gebleken voor de vrijheid, dat dan ook zes millioen Fransehen tegen haar hadden geprotesteerd (dit doelde op zijn eigen verkiezing), en dat hij zich daarom thans verplicht zag het volk op te roepen om te oordeelen tusschen hem, den uitverkorene der groote meerderheid der natie, en de mannen, die, onder het deksel van handhaving der constitutie, de republiek wilden omverwerpen. Hij onderwierp daarom aan het oordeel des volks de grondslagen eener staatsregeling, waaronder Frankrijk een betere toekomst tegemoet kon gaan. In een andere proclamatie riep hij het leger op, om hein te helpen de nationale souvereiniteit te handhaven, welke hij alleen vertegenwoordigde, m De bevolking van Parijs nam in den beginne alles zeer kalm op; het ook in de grondslagen der constitutie beloofde herstel van het onbeperkte algemeene stemrecht miste de verwachte uitwerking niet. De werklieden waren er evenzeer mede ingenomen als met de, zij 't ook onwettige, ontbinding der Nationale Vergadering. De gezeten burgerij dacht over beide dingen anders, maar zij was wapenloos en zag dat de troepen gereed stonden om elke beweging te onderdrukken. Van de afgevaardigden snelden velen naar de vergaderzaal; toen zij die gesloten vonden, wisten zich eenigen langs een omweg toegang te verschaffen en zelfs den president Dupin te dwingen er te verschijnen. Maar weldra kwamen soldaten en politie en bevalen hen uiteen te gaan. Dupin gaf te kennen, dat tegen geweld niets was te beginnen en maakte zich weg. De overige leden werden toen verdreven. Een groot aantal anderen, meest van de rechterzijde, vereenigden zich daarop in de mairie van het tiende arrondissement en hadden daar

Sluiten