Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moeilijkheden opleverde wegens de uitgestrektheid en ligging van de stad, maar weinige wegens de verdediging. De opstandelingen wisten volstrekt geen partij te trekken van het enorme artillerie-materieel, dat in de stad bewaard werd. Den lll|en September werd een bestorming beproefd; twee poorten en een deel van het Europeesch kwartier vielen in handen der Engelschen, die daarbij echter meer dan 1000 man verloren. Yan de gewonnen posities uit werden nu de andere kwartieren eerst hevig beschoten en daarop bestormd. Reeds den 19llcn ontdekte men, dat de opstandelingen het geschut en den krijgsvoorraad uit de stad brachten, eu toen men in den avond van den 20sten gereed stond het paleis te bestormen, bleek dit verlaten. De sepoy's hadden de stad ontruimd, de bevolking had hen voor het grootste gedeelte gevolgd. Delhi was op nieuw in de macht der Engelschen.

De inwoners, die in de stad waren gebleven, werden lang niet zacht behandeld, degenen, bij wie men dingen vond, afkomstig van de plundering der Engelsche huizen, werden zonder genade doodgeschoten. Xog veel meer gerucht maakte het strafgericht, voltrokken aan de prinsen van het Mongoolsche koningshuis. De oude sliah en zijn iamilie wareu met een talrijk gewapend gevolg in het beroemde grafmonument van Hoeinayoen, den tweeden stichter der dynastie, gevlucht. Daar werden zij vervolgd door een jong officier, luitenant Hodson, die een korps inlandsche verkenners, de Hodsotihorses, had opgericht en bekend stond om zijne fabelachtige vermetelheid. Ook thans bewees hij die; met slechts enkele manschappen verscheen hij voor den koning, die zich onmiddellijk met al de zijnen onvoorwaardelijk overgaf. Zijn beide zonen en een kleinzoon waren ecliter ontsnapt. Hodson vervolgde hen onmiddellijk, haalde hen in, dwong hen zich over te geven en schoot hen onmiddellijk met eigen hand dood. De lijkeu werden op echt Oostersche wijs in de poorten van Delhi tentoongesteld. 13e inlanders moesten weten wat het zeide de macht van Engeland te weerstaan. Toch was er niet het minste bewijs, dat de prinsen eenig deel hadden gehad aan den moord der Europeanen. En dat zij, toen hun vader, de rechtmatige vorst van Indië, zoo er ooit een was geweest, op den troon hersteld werd, zich aan diens zijde schaarden eu den vreemden veroveraar van hun land bestreden, kou hun toch niet als een misdaad worden aangerekend! Maar zoo bloedgierig opgewonden was het Engelsche leger, en liet leger niet alleen, dat op het oogenblik deze daad Hodsou niet alleen niet werd euvel

Sluiten