Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

r

daarmede Ie gelijkertijd de herinnering van eenen koning uit eene vroegere dynastie, van Sesortosis II.

Zóó ontstond liet weefsel van legenden, waarin de persoon van den geduchten koning Sesostris, omtrent wien Herodotus en Diodorus maar niet genoeg verhalen kunnen, gehuld is. Eerst het onderzoek van de gedenkteekenen heeft de dwalingen der oude geschiedschrijvers aan het licht gebracht en verbeterd.

Sesostris, zóó verhaalt Herodotus, is als een geducht veroveraar in de naburige landen binnen gedrongen, en heeft zijne wapenen zelfs naar Europa overgebracht. Op zijne zegetochten liet hij overal zuilen achter, welke zijnen naam en dien van zijn vaderland droegen en verkondigden, dat hij dit ol dat volk overwonnen had. Bij die volken, welke zich lafhartig en zonder strijd aan hem onderwierpen, werd op de zuilen, tot een hoonend aandenken aan de lafhartigheid der bewoners, een duidelijk kenbaar beeld ingebeiteld, hetwelk hen niet als mannen maar als zwakke vrouwen kenmerkte. Herodotus heeft zelf deze zuilen met hare beelden in Palestijnsch Syrië gezien. Na lange en zegevierende tochten keerde Sesostris eindelijk met roem gekloond naar Egypte terug. Hij had de regeering' gedurende zijne afwezigheid aan zijn broeder toevertrouwd; maar deze, zelf op de koninklijke waardigheid belust, maakte zich aan het schandelijkst verraad schuldig. Hij noodigde den overwinnaar met zijne gemalin en zijne zes zonen op een gastmaal, liet vervolgens rondom het huis, waarin het feest gevierd zou worden, eene menigte hout stapelen, en stak den stapel in brand nadat hij zich zeiven in veiligheid had gesteld. Reeds kronkelden de vlammen met wild geloei naar boven, reeds meende de verrader dat zijn schandelijk plan met een gelukkigen uitslag bekroond was, toen Sesostris zich op verwonderlijke wijze redde, door het opvolgen van een verstandigen raad, hem door zijne vrouw gegeven. Hij legde twee zijner zonen als eene brug over den brandenden houtstapel, en ging daarover met de anderen ongedeerd midden door het vuur. Die twee moesten opgeollecd worden 0111 het leven der ouders en der vier broeders te redden. De verrader onderging zijne welverdiende straf.

Van dien tijd af hield Sesostris zich bezig met het welzijn zijner onderdanen en met grootsche bouwwerken, waarbij hij de in zijne zegevierende veldtochten gevangen slaven gebruikte om de gioote steenblokken aan te voeren. Hij doorsneed het gansche land met kanalen, en verdeelde den grondeigendom gelijkmatig onder de landbouwers. De groote koning verwierf zich door zijne daden zulk een roem, dat hij door niemand zijner voorgangers ot opvolgers overtroffen is. Toen later de Perzische koning Darius vóór de standbeelden, welke Sesostris zich zeiven en zijne gemalin vóór den tempel van Ptah in Memphis had opgericht, zijn eigen standbeeld wilde plaatsen, verzette de priester van Ptah zich stoutmoedig tegen dit plan, want Sesostris had grooter daden verricht dan Darius. De Perzische koning erkende de waarheid dezer uitspraak en zag van zijn voornemen af, terwijl hij verzekerde, dat hij zijn best zou doen om aan Sesostris gelijk te worden.

Zóó luidt het verhaal van Herodotus en Diodorus bevestigt deze mededeeling niet alleen wat de hoofdzaak betreft, maar hij beweert zelfs, dat Sesostris op zijne krijgstochten ganscli Azië aan zijne heerschappij heeft onderworpen. De legende heeft in den loop der eeuwen eene zeer overdreven schildering opgehangen van de uitkomsten, welke door Sethos I en Ramses II, wier vereenigue personen den Sesostris der Grieken in het leven geroepen hebben, zijn bereikt. De geschiedenis, die door middel der gedenkteekenen tot ons spreekt, beperkt de zegetochten dier koningen aanmerkelijk, al bewijst zij ook, dat beide vorsten uitstekende veldheeren geweest zijn.

Sethos I voerde meer dan één gelukkigen oorlog tegen de herdersstammen, die op de grenzen van Egypte rondzwierven. Met zijne in den krijg geoefende benden drong hij zelfs ver in Nubië door. Ramses II bracht zijne wapenen

Sluiten