Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tweegevecht tusschen Paris en Menelaüs.

geren. »Hector wil sproken," riep Agamemnon en nu Helen ook de Grieken de wapenen zinken.

Heclor trad in het midden tusschen de beide volken: aan de Trojanen en Achaeërs deed hij den voorslag om den rampzaligen oorlog te laten, beslissen door een tweegevecht tusschen Paris en Meuelaüs; beide volleen namen dien-voorslag met blijdschap aan; zij legden de wapens neer en legerden zich in de vlakte, terwijl Ilector twee herauten naar Troje zond om Priamus. den ouden koning, te roepen, opdat deze zelf, onder het brengen van een plechtig otter, de overeenkomst met de Achaeërs zou sluiten, dat de oorlog door een tweegevecht zou worden beslist.

In de ruimte, die tusschen de beide legers open gelaten was, ontmoetten Priamus en Agamemnon elkaar, beiden door hunne voortreffelijkste bondgenooten begeleid. De herauten brachten de lammeren aan, die tot het verbondsoffer bestemd waren, zij mengden wijn in kruiken en besprenkelden vervolgens de handen der koningen met water. Agamemnon trok het ottermes. dat aan de scheede van zijn zwaard aan zijne zijde hing; hij sneed het haar van den kop der otterlammeren af, hetwelk door de herauten aan de vorsten der Trojanen en Achaeërs ter hand gesteld werd; vervolgens bief Agamemnon luid smeekend zijne handen ten hemel en sprak: «Vader Zeus, gij roemruchtig beheerscher van den Ida, en gij ook. Helios, die alles ziet, en alles hoort, gij ook, rivieren en gij aarde, en gij die in de onderwereld de schimmen der meineedigen foltert, weest gij allen onze getuigen en waakt over de naleving van dit verbond. Wanneer Alexander den held Meuelaüs velt, dan mag l'ij Helena en al de geroofde schatten behouden, dan keeren wij op onze schepen naar ons land terug; maar valt Alexander, dan geven de Trojanen ons Helena rnet al hare schatten terug en betalen ons de schatting, die ons toekomt en die tot in het laatste nageslacht voortduren zal. Weigeren Priamus "én zijne zonen dit, dan zal ik opnieuw met eene krijgsmacht hierheen trekken en strijden, totdat het doel van den oorlog bereikt is."

Na dezen eed te hebben gezworen, sneed bij den lammeren de keel af en legde hen in het zand, totdat zij spartelend stierven. Vervolgens plengden de helden wijn uit de kruiken, als een drankolï'er aan de goden, en van weerszijden, zoowel van den kant der Trojanen als der Achaeërs, zwoeren zij: gelijk deze wijn, zoo zullen de hersenen van hen, die het verdrag schenden, de aarde bespatten.

Het verbond was bezworen. Priamus keerde naar Ilium terug, want hij wilde den strijd van zijn zoon niet aanzien. Hector en Odysseus maten daarop de ruimte van de kampplaats a(, en wierpen in den metalen helm de loten om te bepalen, wie der strijders volgens de beschikking van het Noodlot het eerst zijne lans op den vijand werpen mocht. Hector schudde den helm met afgewend gelaat; het lot van Paris sprong het eerst er uit te voorschijn.

De beide strijders verschenen nu op de kampplaats. Paris was prachtig uitgedost met zijn metalen harnas, met zijn groot schild en zijn blinkenden helm, van welks top een bos paardenharen neerviel, terwijl zijne beénen door beenstukken beschermd werden. Toen de strijders in de afgeperkte, voor liet tweegevecht bestemde ruimte tegenover elkander stonden, slingerde Paris zijne lans°tegen Menelaüs. Zij trof het schild van den Griek, maar was niet in staat om bet te doorboren; op het gedegen metaal boog de punt krom.

Nu hief Menelaüs op zijne beurt de lans omhoog en slingerde haar, na een kort gebed tot Zeus, tegen Paris, door wiens schild zij met kracht heen drong. Zij zou den held zelf doorboord hebben, had deze zich niet door eene vlugge wending aan het gevaar onttrokken. Nu trok Menelaüs het zwaard en gaf zijn vijand zulk een forschen slag op het hoofd, dat de kling in splinters vloog. In weerwil hiervan verloor hij den moed toch niet; met krachtige hand greep hij den helm van Paris aan, om dezen ter aarde te werpen. Maar Aphrodite beschermde haar lieveling; de riem, waarmee de helm op het hoofd

Sluiten